342
NAPOLEONS LAATSTE LEVENSJAREN
Keizer.
De lange, laffe sluipmoord was volbracht!
Den volgenden dag, den 6den Mei, had de obductie plaats. Vijf Engelsche geneesheeren, de doctoren Arnott, Schorrt, Mit-chell, Burton en Livingstone, bijgestaan door Henry en door een tweeden assistent-chirurg Rutledge, waren bij de autopsie tegenwoordig, die door Antommarchi werd verricht. De adju-dant-generaal Thomas Reade, majoor Harrison en de ordon-nans-officier Crobet, die Lutyens te Longwood had vervangen vertegenwoordigden den gouverneur; grand-maréchal Bertrand de Montholon en de priester Vignali de Fransche kolonie. Mar-chand, Saint-Denis, en Pierron waren er eveneens bij tegenwoordig.
In dè maag vond men een carcinoom, dat dicht bij den uitgang de maagwand had geperforeerd, zoodat een opening was ontstaan, waardoor gemakkelijk een vinger kon worden gestoken. Deze opening werd door den onderkant van den lever bedekt, die aldaar met de maagwand was vergroeid. Natuurlijk ontstond de grootste spanning toen de lever uit de buikholte zou worden genomen. Op den toestand van dit orgaan kwam het ’t meeste aan en daarover ontstond dan ook verschil van meening. Inderdaad was de lever hard en zeer bloedrijk, wat door Arnott en Schorrt, tegen de opvatting der andere geneesheeren, werd volgehouden. In het officieel verslag echter der obductie, verklaart Schorrt — evenals de andere onderteekenaars, behalve Antommarchi, van het protocol — dat de lever niets abnormaals te zien gaf. Deze lezing is echter een verandering van de oorspronkelijke tekst, die wel degelijk aangaf, dat de lever „misschien een weinig grooter dan gewoonlijk” was, een verandering, die er door de hand van Hudson Lowe in is aangebracht. In de verslagen van Antommarchi, waarvan hij één aan Bertrand en de Montholon heeft overhandigd en waarvan het andere in zijn dagboek van St.-Helena voorkomt, houdt deze wel degelijk vol, dat de lever verhard en grooter dan normaal was, zoodat daaruit tot het bestaan van een chronische hepatitis mag besloten worden. In een verslag van de obductie, door den chirurg Henry den 12den September ’23 aan Hudson Lowe gericht, verklaart deze, dat de lever absoluut normaal was en dat er geen teeken van chronische ontsteking in aangetoond kon