311
NAPOLEONS LAATSTE LEVENSJAREN
was hij er van overtuigd, dat de Keizer daarin niet zou toegeven '
Dinsdag, den 19den Januari, voor de derde maal door deFran-schen ontboden, onderwierp Stokoë zich aan het bevel om een verlof-bewijs te halen, wijl hij zich noch aan zijn plicht als geneesheer, noch aan die als mensch wilde onttrekken en hij die, zoolang als het hem mogelijk was, wilde vervullen. Vóór hij bij den Keizer binnen ging, verzocht hij eerst nog Bertrand of deze moeite wilde doen den Keizer te overreden om Verling bij zich te ontvangen. De Keizer echter weigerde; hij wenschte liever zonder geneesheer te blijven. En dit, terwijl zijn toestand nog al ernstig was; hij was al in vier en twintig uur zijn bed niet uit geweest en voelde zich zoo zwak, dat hij zich ternauwernood op de been kon houden. Stokoë stond een korten tijd in beraad, of het niet beter voor hem zou zijn maar weg te gaan. Hij voelde, dat èn d^ gouverneur èn de admiraal op een gelegenheid wachtten hem op een, zelfs schijnbare fout te betrappen en hem dan daarvoor te straffen. Doch weggaan was al even gevaarlijk voor hem als blijven; gesteld er zou eens iets ernstigs geschieden, terwijl hij was weggegaan, dan zou de gouverneur niet hebben nagelaten hem toe te voegen, dat het slechts een wensch van hem was geweest en niet een bevel zich van Verling te laten vergezellen en dat hij, in alle geval, zijn bezoek had moeten afleggen. Hij bleef dus en trad bij den Keizer binnen.
Bertrand had niet overdreven: de Keizer leed meer en scheen zieker dan den vorigen dag. Zijn pols was sneller en hij had meer koorts, zoodat Stokoë vreesde of de chronische hepatitis niet bezig was in een acuten aanval over te gaan en wijl hij, door de congestie, die hij waarnam, bang was voor een herhaling van den aanval van den vorigen Zondag, besloot hij den nacht op Longwood door te brengen en waarschuwde kapitein Nicholls, dat hij dat van plan was.
Te vergeefs trachtte hij den Keizer over te halen, zich een aderlating te laten doen. Napoleon was een lastige en moeilijke zieke, die niet aan geneesmiddelen hechtte en die er zijn eigen inzichten omtrent de geneeskundige behandeling op nahield. Pas, toen tegen vijf uur s’middags, de hoofdpijnen bijna ondragelijk werden, stemde hij er in toe en had er eenige verlichting van. Gaarne had Stokoë ook den daarop volgenden dag, Woensdag 20 Januari op Longwood willen blijven, doch hij ontving tegen den middag het bevel om naar Jamestown terug te keeren. Hij deed dat onmiddellijk, maar ging in het voorbijgaan