NAPOLEONS LAATSTE LEVENSJAREN 293
16den Maart, door den Staats-secretaris van Koloniën geschreven en afgezonden, waarin deze mededeelde, dat de Engelsche regeering wetend welke plannen Bertrand en zijn vrouw koesterden om naar Europa terug te keeren—van meening was, dat „la société du général BuonaparteaLongwood serait par suite essentiellement diminuée et qu’il y aurait lieu de saisir, la première occasion pour faire con-naitre au général les dispositions de Sa Majesté de complaire a tous les désirs qu’il pourrait exprimer en faveur de toute personne dont 1’arrivée a Longwood serait agréable,” waarbij zij voegde: „Si le général Buonaparte préférait en laisser le choix au Cardinal Fesch ou a la Princesse Pauline de Borghèse, je leur ferais immé-diatement une communication a eet effet.”
Waardoor de Engelsche regeering er toe kwam dezen briefte schrijven en — zonder, dat er officieel om zulk verlof gevraagd was — de wenschen van Mme Bertrand tegemoet te komen, is onbekend. Kende Lord Bathurst deze uit een privé correspondentie van Mme. Bertrand? Hadden de Bertrands op hun eigen houtje de aanvrage officieel gedaan? Had Mme Bertrand,zonder verlof van den Keizer af te wachten, mededeeling van haar wenschen en klachten aan den gouverneur gedaan, waardoor zij zich — wijl haar aankondiging van het vertrek, zooals sommigen beweren juist met een verergering van ’s Keizers ziekte samenviel — tegenover den Keizer op een vijandig standpunt stelde ? Zeker is het dat de Keizer door dit verlof van de Engelsche regeering in een onaangename moeilijkheid geraakte! Deze brief had een lang gesprek van Napoleon met Bertrand ten gevolge, waarbij zij ten naastebij overeen kwamen, dat men zou beginnen in Europa iemand te zoeken die geneigd was den grand-maréchal te vervangen. Marchand ten minste vertelt: „En effet sur le bureau de la chambre a coucher, je vis, écrits au crayon, les noms suivants en forme de liste, tels que ducs de Vicence, de Rovigo, Ségur, Montesquieu, Daru, Drouot, Turenne, Arnault, Denon,” dezelfde namen, die een half jaar later officieel zouden worden genoemd. De Keizer gaf het nog niet op. Men begon er mee het vertrek daartoe te beperken, dat Mme Bertrand voorloopig alléén zou weggaan. Voordat iemand in Europa er in zou hebben toegestemd naar St. Helena te vertrekken en daar zou zijn aangekomen, zouden wel eenige jaren verloop. Toen het vaartuig waarmee zij zou heengaan, reeds in de haven was, maakte hij — alsof het alleen uit belangstelling voor haar was en alsof hij verlof voor haar had gegeven, — allerlei moeilijkheden: „La comtesse Bertrand, zeide hij, serait fortem-