Napoleons laatste levensjaren

Titel
Napoleons laatste levensjaren

Jaar
1916

Pagina's
374



272 NAPOLEONS LAATSTE LEVENSJAREN

de Keizer met lof over de militaire bekwaamheid van Bertrand spreekt; jaloerschheid op Mme de Montholon om een kleinood, dat zij van den Keizer krijgt; op de kinderen, die bij gelegenheid van hun verjaardag of bij een ander feest bonbons van den Keizer ontvangen!

De jalousie van Gourgaud wordt in hooge mate door de geldkwestie gaande gemaakt en zijn houding daarin is van dien aard, dat men tot het einde niet goed weet of zijn moeder en zijn zuster — hij beweert, dat hij zich vooral met het oog op haar belangen moeite geeft om de kwestie te regelen — de jaarlijk-sche toelage ontvangen, waarover het geheele Journal door sprake is. Nu eens verklaart hij, dat hij niets van den Keizer wil aannemen, wijl hij geen aalmoes wil ontvangen; hij stapt echter van zijn hoog voetstuk en laat zich toch maar de weldaden van Napoleon welgevallen. Hij wil niet om een toelage voor zijn moeder bedelen, al weet hij niet, wat zij zal moeten doen nu zijn carrière gebroken is en hij haar niet kan helpen; toch vraagt hij er om. En zoo gaat het voortdurend; hij vraagt om een toelage en weigert die, om even daarna die weigering in te trekken en toch de „weldaden en aalmoezen” van den Keizer in ontvangst te nemen (hij noemde het „weldaden en aalmoezen”, omdat hij vond, dat de aangeboden som, duizend francs per maand, te klein was). De houding van Gourgaud en vooral het telkens voorop schuiven en spreken over zijn moeder en haar toelage, waardoor hij zijn gevoelens van braven zoon wilde lucht geven, prikkelden Napoleon, die er zeer goed een manoeuvre in zag, waardoor een beroep op zijn weldadigheid werd gedaan en deden hem nu en dan, schijnbaar zonder reden, nog al ruw tegen Gourgaud uitvallen, waardoor deze zich weer achteruit gesteld tegenover de anderen gevoelde.

Gourgaud had twist met iedereen tot zelfs met den Keizer, die er onder leed, die dikwijls zoodanig onder de oneenigheden rondom zich gebukt ging, dat hij — wijl hij gedwongen was als vrede-rechter op te treden en dan bijna altijd partij tegen Gourgaud koos; hij trok zich die twisten nog meer aan dan die welke Gourgaud met hem direct had — verkoos zich in zijn kamer af te zonderen en niet met zijn gevolg, maar alleen, triest, eenzaam en verlaten te eten. „Vous et le gouverneur, zei Napoleon eens tot hem, vous me rendez la vie bien dure!” Met een onuitputtelijk geduld en een zachte goedheid gelukte het hem dikwijls Gourgaud weer in zijn humeur te brengen; dan kneep hij hem

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.