Napoleons laatste levensjaren

Titel
Napoleons laatste levensjaren

Jaar
1916

Pagina's
374



NAPOLEONS LAATSTE LEVENSJAREN    269

entré dans 1’Ile sans 1’autorisation des Anglais”, bleef tot het huisgezin beperkt) voort.

Het eenige wat veranderde, was de onderlinge verhouding der leden van de „Fransche kolonie”, was de omgang met elkaar, in dien zin, dat — hoe meer zij op elkaar waren aangewezen, hoe meer zij genoodzaakt waren met elkaar te leven — zij minder en minder ontkwamen aan de gevolgen, die het gedwongen samenzijn en het dagelijksch verkeer in een kleine ruimte, waaraan zij zich niet konden onttrekken, met zich brachten.

Zelfs werd de vereering voor hun Meester, die zij alle gemeen hadden en die hen bij elkaar had moeten houden, integendeel een oorzaak tot onderlinge verwijdering. Dat de kleine hofhouding van Longwood één gelukkige en tevreden familie zou vormen, zooals de Keizer verlangde en hoopte, was onmogelijk. Maar zij had iets minder ongelukkig kunnen zijn, minder verdeeld als zij was en langzamerhand werd. Gelukkig kon zij niet zijn, omdat de plotselinge lots-verandering. en de snelle materieele vermindering, waaronder de leden geplaatst waren, dat al dadelijk verhinderden. Maar in de tweede plaatst, hoe zou dit troepje, dat gewoon was te leven in de afwisseling van het mondain bestaan van Parijs, tevreden en gelukkig hebben kunnen zijn op de rots, die men hen voor verblijf had aangewezen en waar alles ontbrak waaraan zij gewend waren, waar hun gewoonten en verlangens op alle wijzen gestuit en gehinderd werden, waar zij hun gewoonten, hun verlangens, hun behoeften moesten prijs geven en waar niets was om in plaats daarvan te treden of die te kunnen vergoeden. Gezelschap, in dien zin als zij het gewoon waren, ontbrak er geheel, gelegenheid om zich te vermaken of zich eenige afleiding te verschaffen, zooals die een hijna onafscheidelijk deel van hun bestaan was geworden, was er niet te vinden. En daarbij kwam, dat de jalousie, die aan een groot hof heerscht, aan deze kleine hofhouding niet vreemd bleef. Immers, in de onbeduidendheid van het dagelijksch gebeuren, kreeg iedere, zelfs kleinste uiting van den man, dien zij bewonderden en voor wien zij hun bestaan gaven, een overdreven beteekenis voor de gunstige of minder gunstige bedoeling, die zij er in zochten. Wijl er geen fortuin of belangrijke plaatsen uit te deelen of te vergeven waren, kon alleen de gunst van den Keizer een zeker voorrecht en een zeker aanzien tegenover de anderen en in eigen oogen ver-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.