Napoleons laatste levensjaren

Titel
Napoleons laatste levensjaren

Jaar
1916

Pagina's
374



264 NAPOLEONS LAATSTE LEVENSJAREN

voor een korten tijd, zijn vroegere persoonlijkheid voor den dag te doen komen, maar daarna verdween deze weer en maakte plaats voor den veranderden mensch, die de lieden uit zijn omgeving met een pijnende verbazing naar hem deed opzien. En het was of de uiterlijke als innerlijke verandering gelijken tred met elkaar hielden. Hij was lichamelijk zwaarder, logger, loomer, dikker geworden; zijn denkvermogen was niet meer wat het vroeger was geweest. Napoleon was gesleten. Hij wist het zelf.

Al tijdens den slag van Austerlitz had hij — sprekend over generaal Ordener — zijn eigen vonnis geveld: „Ordener est usé. On n’a qu’un temps pour la guerre. J’y serai bon encore six ans, après quoi moi-même je devrai m’arrêter.” Inderdaad kon zijn omgeving opmerken, dat hij gedurende den Russischen veldtocht de vroegere niet meer was, zijn acute ziek-zijn tijdens den slag aan de Borodino en zijn blaaslijden nog daargelaten, waarvan de Ségur in zijn Mémoires melding maakt. Doch reeds in 1809 was de vermindering voor iedereen zichtbaar; hij begon toen al zwaarder en logger te worden; Chaptal, die hem nauwkeurig gadesloeg, zegt toen al, dat de verandering een buitengewone was, terwijl hij, na Moscou, een nog grooter achteruitgang opmerkte. Een tijdlang was het iets beter gegaan. Het scheen of de gebeurtenissen in ’14, waardoor zijn vroegere genialiteit nog eens in den wanhopigen strijd tegen de geallieerden tot uiting kwam, op zijn physieken toestand in gunstige richting terugwerkte. Maar op Elba begon de lichamelijke achteruitgang zich weer te vertoonen en nu in sterker mate. Van dik en zwaarder, werd hij vetter en loomer. Deze groote verandering werd, bij zijn terugkomst in de Tuilerieën in ’15, door zijn omgeving opgemerkt. Hij voelde en hij wist het zelf en putte er een bewijsgrond uit om te betoogen, dat zijn karakter was veranderd. Hij kon met zijn beide handen op zijn buik kloppen en uitroepen: „Est-ce qu’on est ambitieux quand on est gras comme moi?” Hij had niet meer „het magere honger-uiterlijk” van iemand, die „te veel denkt” en daardoor gevaarlijk is. Hij, die eertijds niet wist wat moeheid was en die in 1806 aan Josephine schreef: „Je fais de ma personne vingt a vingt-cinq lieues par jour, a cheval, en voiture et de toutes manières. Je me couche a huit heures et suis levé a minuit” en die na Eylau, na Tilsitt haar meldde: „je suis arrivé hier a cinq heures du soir a Dresde, fort bien portant, quoique je sois resté cent heures en voiture sans sortir”; die van zich zelf zeide: „Le travail est

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.