televisie, morgen misschien een eigen autootje.'
'Daar past zo'n bestedingsbeperking anders niet
• / m.
'Ach, we praten langs elkaar heen,׳ antwoordde Wijnand korzelig, en greep zijn jas. ׳Als dat artikel uit Alkmaar nog wordt doorgebeld, leg het dan op mijn bureau. Ik ga nu naar huis.׳
׳En?' vroeg Hilda toen ik weer op de steno kwam. Op hetzelfde ogenblik rinkelde een telefoon.
Een vriendelijke, oude baas uit Leeuwarden belde - als elke week - zijn muziekrecensie door, doorspekt met citaten uit boeken over Mozart of Beethoven die nooit werden meegenomen en die je rustig kon weglaten als hij het maar niet merkte. Straks zou hij soebatten: ׳Doe een goed woordje voor me bij de redactie,׳ en wilde niet geloven dat je als stenograaf niets te vertellen had. Hij had waarlijk een goddelijk geduld, steeds opnieuw, en een vertrouwen dat onverbiddelijk werd beschaamd. De recensent dicteerde almaar door, en ik knikte even, viel bijna in slaap, schudde me zelf goed wakker om niet iets te missen dat belangrijk kon zijn.
Aan het lawaai bemerkte ik dat de deur van de telefooncel was opengevallen, maar toen ik me omdraaide om hem te sluiten stond Hilda achter mij in de benauwende ruimte. Ze boog zich over mij heen, en ik voelde de warmte van haar borsten. ׳Wil ik het van je overnemen?׳ vroeg ze hees. Terwijl ik mij langs haar schoof, de cel uit, voelde ik haar trillen, en onze ademhaling stokte.
88