was al geschied. Door de voortdurende tegenspraak tussen je beloften en je gedrag tegenover mij sinds onze invrijheidstelling was het basisvertrouwen dat ik al die jaren in je had gesteld, ondermijnd. Ik was lid geworden van de Internationale, omdat ik geen vertrouwen stelde in politici wier daden niet in overeenstemming waren met hun woorden. Nu scheen dit tegenover mij plotseling gedragslijn te zijn geworden. Als een onmondig kind werd ik behandeld, dat wat wijs wordt gemaakt als 't maar gehoorzaam is, door slechte opvoeders althans.
Die nacht had ik de vreemde sensatie dat ik bezig was dood te gaan. Eerst verstijfden mijn benen, toen mijn hele lichaam. 'Je kan hier toch niet het leven verlaten terwijl Bep en de kinderen erop vertrouwen dat je morgenavond weer thuiskomt', dacht ik wanhopig, en alleen de grootste wilskracht hielp mij, mijn beweging te hervinden.
Daarna was het verblijf op de zitting voor mij één grote, verwarrende gebeurtenis, waarin ik bereid was je in alles je zin te geven, als je maar niet kwaad op me was. Ik liet me gewillig kiezen in het Internationaal Secretariaat, zei tegen Hella dat ik naar Algiers wilde komen ook als er helemaal geen geld was, dan moest Bep maar zien hoe ze zich met de kinderen redde. De revolutie ging voor. 'Je bent een goede kameraad', antwoordde Hella. Ze glimlachte.
Toen ik 's middags vertrok, ik moest die avond op mijn werk zijn, beloofde jij me, mij zo gauw mogelijk te schrijven over mijn komst naar Algiers. Maar die avond bleek de volgende avond te zijn, vierentwintig uur later, en mijn verwarring had zich al overgedragen op Bep die niets begreep van mijn wegblijven, er ook geen verklaring voor kon geven op mijn werk. Evenmin als ik. En terwijl er geen
405•