voorzorg een andere naam te noemen? De gpoe had immers een overval gedaan op het zich in Parijs bevindende archiefgedeelte? Of was zij, de kunsthistorica, in de war met Paestum, waar zich een klassieke Griekse tempel bevindt, zoals ook haar man een klassieke tempel is geworden? Ik hoor nog de verschrikte, hoge stem van professor Rüter, de directeur van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis toen ik mij bij hem meldde met Natalia's verzoek, want hij wilde het Amsterdamse gedeelte in geen geval kwijt. Hij heeft mij de poging niet kwalijk genomen, want nog kort geleden heeft hij mij laten weten dat hij graag wou dat ik in de cel op een of andere wijze meewerkte aan de ordening van het Sneevlietarchief. Ook daar is niets van gekomen. Weet je nog Bep, dat we later eens speciaal de groeten van Natalia kregen via een kennis die haar in Mexico had bezocht, weet je nog Bep?
Het proces van Amsterdam
In mijn slaap deins ik angstig terug voor de golven die over mij heen dreigen te spoelen, tot ik met stekende hoofdpijn wakker word, en me herinner dat vandaag, 21 juni 1961, het proces een aanvang neemt. Al mijn bravoure is verdwenen. Dat voorarrest heb ik natuurlijk gerekt omdat ik bang was voor te komen, en niet om al die schitterende strategische redenen. En de onderhandelingen in Evian dan? De solidariteit met ons proces, van demonstrerende studenten in Amsterdam tot telegrammen van Sartre, de Beauvoir en Amado, van vragen in de Tweede Kamer tot de verschijning van getuigen als Isaac Deutscher en andere internationale beroemdheden? Ik maak een laatste aante-
368•