zo vaak heeft voorgehouden als ik ongeduldig was. En als hij geen antwoord geeft voeg ik eraan toe: 'Wie wil je dan als secretaris? Pierre, Ernest? Bij een overwinning van de Algerijnse revolutie zullen de krachtsverhoudingen in de Internationale veel gunstiger worden.'
We komen er niet uit. Het gesprek neemt een wending, die niemand van ons had verwacht. 'Met dit leven kun je nooit jezelf zijn', klaagt Michel. 'Als je even niet waakzaam bent is er wel iemand die je een pootje wil lichten. Ik heb me altijd aan de theorie willen wijden, nu word ik alleen maar door de praktijk opgeslorpt en heb geen tijd meer voor enige réflexion. Terwijl ik me afsloof, heeft Ernest een heel archief aangelegd voor zijn economische studies.'
'Met kaartjes', interrumpeert Hella, 'waar duizenden aantekeningen op staan. Terwijl hij zijn tijd voorbereidt om zijn slag te slaan, moet Michel de sterke man spelen. Weet je waarom ik destijds verliefd op Michel ben geworden? Omdat hij zo'n zachte, schuchtere jongen was die ik wilde helpen.'
Hetzelfde zegt Bep altijd, dat ik zo schuchter was en onhandig, haar hulp nodig had, en dat ze wou dat ik gebleven was als vroeger.
'Maar Pierre kan toch geen secretaris worden, die sektariër', probeer ik opnieuw. 'Bovendien wil hij niet weg uit Parijs. En Ernest? Hij is een schitterend econoom, maar zou jij hem de leiding van de Wereldpartij toevertrouwen? Hij is was in de handen van iedereen die hem vleit, en komt dan tot de vreemdste standpunten.'
Zwijgen, een hele tijd, dan zegt Michel: 'Akkoord, ik zal het nog eens aanzien. Wil ik toch niet langer secretaris blijven, dan zal ik er eerst met jou over spreken.'
308