geen Latijns-Amerika meer schijnt te bestaan, en de post alleen nog krantjes brengt. Eerst heb ik Bep murw moeten maken, en toen het eindelijk zover was is mij te verstaan gegeven dat ik niet ongeduldig mag zijn. Geheel andere problemen vragen om een oplossing. Hoe kan het dat onze beweging overal zwakker wordt, naar lucht hapt als een vis op het droge, terwijl de krachtsverhoudingen ten gunste van de wereldrevolutie zijn gewijzigd? De oude massabewegingen, reformistisch of stalinistisch naar gelang van het land, groeien opnieuw, en onze secties verschralen met de dag. 'Het komt', antwoordt Michel, 'omdat de arbeidersmassa's zich bedreigd voelen door het nieuwe oorlogsgevaar. Zij hebben de tijd niet meer om vóór het uitbreken van de derde wereldoorlog sterke revolutionaire partijen te vormen. Zij voelen dit instinctief en zoeken nu bescherming bij hun traditionele massapartijen. De radi-calisatie van de arbeiders zal daar vooral tot uitdrukking komen. Naast de handhaving van een kleine, onafhankelijke kern in elk land die zich openlijk uitspreekt voor de Vierde Internationale, zal het grootste deel van onze leden in Europa moeten intreden in de massabeweging, om die ontwikkeling te beïnvloeden.'
Op het Tiende Plenum van het Internationaal Uitvoerend Comité, in 1952, wordt opnieuw hartstochtelijk gediscussieerd over de oriëntering op de massabeweging. Het betreft vooral Frankrijk, waar een meerderheid van de trotskisten weigert deel te nemen aan een oriëntering op de Communistische Partij, omdat in die partij van alles gaat gebeuren. De tegenstanders ervan blijven beargumenteren, dat zij niet bereid zijn te capituleren voor het stalinisme. En toch heeft Michel gelijk. In Frankrijk vormen de stalinisten, zolang er zich geen nieuwe aardver
216