VAKANTIE
Ik had er zo naar gehunkerd, de laatste week van de grote vakantie niet meer naar de vakantieschool van Ons Huis die drie weken had geduurd, eindelijk vrij, écht vrij en niet je eigen schoolmeester erbij, die ook meeging naar Westeroord om er wat bij te verdienen.
En nu zat ik me te vervelen. Uit logeren bij mijn oom en tante aan het Overkant van het IJ, spelen met mijn neef Hakkie, maar die was plotseling ziek geworden. Pijn in zijn buik had hij en daar lag hij mee in bed. Dan moest het wel erg zijn, want kinderachtig was hij niet. Hij had van huis weg willen lopen omdat zijn vader niet langer werkloos wilde blijven en zich had aangemeld om smeris te worden. Gelukkig was oom afgekeurd. Bang was Hakkie ook niet. Hij had er wat van durven zeggen dat oom een groter stuk vlees kreeg dan de kinderen. Dat was een schandaal geweest, in de hele misjpoge. Hoe durfde een kind het, opstaan tegen zijn eigen vader, anders was het niet.
Wat had je eraan als je neefïe ineens lag te krimpen van de pijn? Op straat gaan spelen zonder hem, met vreemde kinderen, niks was eraan, ze kenden je niet eens, of ze deden alsof, of je mocht voor spek-en-bonen meedoen, nogal leuk. Dan ging je weer gauw naar binnen. Naar Hakkie zijn kamertje? Hij zei niet eens wat tegen je en kreunde alleen. Wat moest je dan gaan doen?
Ik was naar de huiskamer gegaan, tante was toch in de keuken. Als je je bril op tafel legde, scheef, net alsof hij een andere kant uitkeek dan jij, kon je er van alles bij fantaseren. Bij de buren keek hij naar binnen, waar dat aardige meisje woonde dat een paar keer had gekeken en een kleur gekregen. Misschien liep ze wel in haar nakie, kon ik ook eens zien hoe ze er in hun blote togus uitzagen. Thuis hielden ze
73