Wereldsecretariaat
'Joseph Clayton from Canada,' zei hij, schudde mij de hand en ging zitten. Hij was klein van postuur, gezet, en daarover droeg hij een donkerblauw, bijna zwart kostuum. Zijn rossige haar plakte tegen zijn hoofd, maar de ruwe indruk die hij bij eerste aanblik gaf, vervaagde tegen de vertrouwelijke toon waarop hij tegen mij sprak. Hij was beroemd als voormalig secretaris van le Vieux en ik luisterde zo goed naar alles wat hij zei, als wilde ik er nog iets uit die oude heldhaftige tijd in herkennen.
'You know, Sal,' zei hij, en legde zijn hand op mijn knie, 'er moet weer eenheid komen tussen de twee Wereldpartijen. Ik kom naar jou toe om erover te spreken, want jij bent degeen die Martin kan overtuigen.'
'Joseph Clayton is hier als gast aanwezig,' deelde Paul Fi-relle mee in het Engels met een Franse tongval die me aan Maurice Chevalier deed denken, wat me deed glimlachen, maar verbaasd keek Paul mij aan en vroeg: 'Tout le monde d'accord?'
Terwijl de aanwezige leden van het Wereldsecretariaat knikten, trok Joseph zijn colbertjasje uit, waaronder hij een vest droeg, stroopte zijn mouwen op en keek tevreden om zich heen.
Op de agenda stond het conflict tussen China en de Sow-jetunie, maar voordat de discussie hierover werd geopend,
211