Briefwisseling
15 april 1962
Beste Martin,
Na mij per telegram te hebben gewaarschuwd, zijn Jacques Meyerson, Paul Firelle en Pietro Milano hier gisteren, zaterdagmiddag, heen gekomen om in mijn tegenwoordigheid hun vergadering te houden. Nadat zij op hun laatste zitting Jaime en Alfonso (die tijdens onze gevangenneming aan het Wereldsecretariaat deelnamen maar die, zoals je weet, kort voordat wij vrijkwamen een eigen Wereldsecretariaat gingen vormen) hadden geschorst, hebben zij uitgerekend dat er vier leden aanwezig moesten zijn voor het noodzakelijke quorum. Daarom hadden ze mijn aanwezigheid nodig om enige stappen te 'legaliseren'. De vraag of ik er voor of tegen was kon ze niet veel schelen.
Natuurlijk kan men een of twee keer van een dergelijke toestand gebruik maken, door te dreigen het quorum te verbreken, en op die wijze heb ik getracht ze een beetje te kalmeren, opdat de werkelijke beslissingen door het Wereldcongres worden genomen, maar het betreft een haast onmogelijke, en zelfs een enigszins onwaardige toestand.
In werkelijkheid hadden zij hun vergadering vrijdagavond al gehouden, en men heeft mij tegenover kant-en-klare voorstellen geplaatst, en de discussie erover was slechts een drog
195