TOONEEL EN MUZIEK.
I58
Opera uit Den Haag gaf er ook gedurende eenige jaren hare uitvoeringen. Toen De Groot’s ondër-neming te gronde gegaan was, deden zich nog enkele exploitanten op, doch eindelijk werd het gebouw voor goed gesloten. Het werd in korten tijd een ruïne, waaruit alles, dat waarde had, gestolen werd. Op eenigszins listige manier wist ten slotte het gemeentebestuur het te krijgen uit de handen van den halsstarigen eigenaar Floris van Hall en maakte het met den grond gelijk. Het gebouw was de laatste herinnering aan het ongelukkige tijdperk van wereldstad-bevliegingen, waarin aan onze goede stad tal van onherstelbare vandalismen gepleegd werden.
Hoewel zij in geen of slechts zeer verwijderd verband staan met het tooneel, moet hier toch kortelijk melding gemaakt worden van eene soort ontspannings-inrichtingen, waarin de oude Amsterdammers zeer veel behagen schepten, namelijk de theetuinen. Er waren er zeer vele om de stad: De Stadlander, aan de Boerenwetering, slechts per vaartuig te bereiken; Het Vosje, aan den Zee-burgerdijk; Claudius Civilis, aan den Buitensingel (Nassaukade); Tivoli, aan den Spaarndammerdijk; De Roomtuinen, aan den Buitensingel tegenover de Oranje-Nassau-kazerne. In de Plantage waren er ook ettelijke: De Fransche Tuin, De Grieken-