367
Rogier, of 'n Madonna van Memling geen essentieel verschil in aandoening, al zijn de objekten geheel anders, en al wordt de uitbeelding gedragen door een gansch andere levensbeschouwing. De schoonheidsontroeringen moeten in haar diepst en aard voor de beide kunstenaars dezelfde geweest zijn. En die juist geeft de werkelijke wijding.
Zie b.v. Rembrandt afstappen van zijn Lazarus-opwekking, heel groot en vol, zijn gevoel, waarneming en artistieke intelligentie koncentreeren op 't teekenen van wat biggen. Geen lijntje wordt verwaarloosd. Hij beeldt 't leven hier als elders met één onstuimige en prachtige liefde, zijn zware tragiek en over-stormende geweldigheid.
Zoo is ook de typen-rijkdom van Steinlen enorm !
Wat 'n fijn en hevig-zuiver gevoel voor standen, gebaren, houdingen. Met de kleinste veeg drukt hij soms de diepste en meest verborgen passie van schooiers- of dieventemperament uit. In zijn vrouwen even zuiver als in z'n mannen.
Vooral z'n zwerverspsychologie en dramatiek is overweldigend gevoeld in atmosfeer en menschelijkheid.
Ik heb ze zelf allemaal gezien die typen. Ik heb ze ontmoet, schepsels als grijnzende gorilla's, vrouwen als bavianen, gedrochten met breede tronies en hevig doortrild van moordpassie en woesten wellust. Ik heb al z'n kinderkopjes gesproken, tengere, schepseltjes, verschooierd, met oogen die 't licht wegvraten van honger-wellust en driften.
Ik heb ze gezien, beestelijk-brutaal, knaapjes met gezichten van afgeleefde grijsaards, en meisjes met tronietjes van oude hysterische kollen.
Ik heb zijn souteneurs en makroo's gezien, met wreede ingedeukte buldogkoppen, de slagtanden den mond uitgegroeid, over gewonde lippen heengroeiend, rauw als dieren.
En op ieder zoo'n ontmoeting valt een drama te bouwen.
Ik heb ze gezien jonge en verlepte wijven de winteravonden, rondsluipen. Ik heb ze ontmoet in moord en manslag op de eenzaamste buitenwijken. Ik heb ze gezien onder den rosgloeienden