Zegepraal

Titel
Zegepraal

Jaar
1904

Druk
1904

Overig
1ed 1904

Pagina's
486



3ii

Weer in 'n vreemd, heel vreemd huis. Om mij heen versleten meubels, die ik niet nieuw had gekend, en niet ouêr had zien worden.

Alles kil, vreemd, vijandig van licht en kleur.

Den eersten nacht, telkens in benauwingen wakker, hoorde ik ieder keer m'n goed moedertje ,,poppedijnen". Verbeelding : gedachteleven van 't andere huis nog, maar ik hoorde 't toch zoo duidelijk. Soms ijlde ik, riep ik Zus, waar 't moedertje toch verborgen zat.

Opnieuw in koortsigen sluimer, hoorde ik 't kind zacht schreien, 't stemgewieg van 't moedertje, dan sussend, fluisterend, dan zingend, en er tusschen, den klank van den brombeer, woest en dreunend.

Wat zou ik nu weer voor leven om me heen hooren ?

O ! 't vreemde leven van geburen, dat je zoo altijd meeleeft in ziekte, waar je niets van ziet; van menschen die ook van jou niets weten, hoe vreemd en lang heb ik 't meegemaakt, Florence !

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.