240
der zachte gondelierszangen. Ik zag opdoemen uit den kronkel van wegjes, 'n volkmeisje, met 't teedere profiel van St. Cicilia's Donatella, en zacht-droef zong haar stem 'n Ave Maria, als was ze zelf 'n dwalende Madonna.
En als de gloeiende reflexen van het agiorno-vuur in de kanalen waren uitgedoofd, de matrozenzang verstomde ; als de op-schimming der paleizen in den gloed der kwijnende verlichtingen verzonk in den nacht, dan zag ik aanklepperen den geheimen duivenzwerm van het Piazza San Marco, dat mij was als een heilige boodschap van Dante aan zijn verzwakt geslacht!