Twee weken bedelaar

Titel
Twee weken bedelaar

Jaar
1900

Pagina's
178



i47

gezindten. Zij zijn door hun groote armoede afhankelijk, gedrukt en voor een snee brood en een onderdak op een stuk gespannen zeil zijn zij gaarne geneigd mede te doen aan gebed enz. Dit is misbruik maken van de armoede der menschen om op de vrijheid van geweten inbreuk te maken.

Het Leger des Heils krijgt geld en goederen van menschen met allerlei overtuigingen. Ja, en dit is weder een schaduwzijde van het Leger, men meent dat, nu het Leger zorgt voor de verworpelingen, men zich hun lot niet behoeft aan te trekken, anders dan door het L. d. H. nu en dan wat te schenken. Mij dunkt, dat een instelling zonder bepaald godsdienstige richting, met welwillendheid, takt en •ethische principes als leidende kracht, behoorlijk gecontroleerd van gemeente- of staatswege, zoo niet het L. d. H. zou verdringen, dan toch naast het L. d. H. in een richting zou kunnen werken, waarbij meer de persoonlijke overtuigingen en gevoelens, ook van den bezit-looze, zouden worden gehuldigd.

De „Toevlucht voor Onbehuisden” te Amsterdam schijnt mij de ■eerste stap op een begeren, gezinder en weg te zijn. Maar deze en dergelijke inrichtingen zouden van stadswege (en daar zij immers ook voor niet-Amsterdammers openstaan) van Rijkswege subsidie moeten ontvangen, waarvoor Stad en Staat zich ’t recht verwierven stem te hebben in den Raad van Beheer.

Zoolang Stad en Staat zelve niet kunnen zorgen voor hunne arme burgers, echter m e d e-b e z i 11 e r s van ’s lands- enstads-rijkdom-men, publieke gebouwen, musea en fondsen, mede-erfgenamen Tan wat Stad en Staat ontvangen, m e d e-b e t a 1 e n d e n in de kosten van ’s lands- en stads-werken, straks zoo noodig, Z.-Afrika geeft ons ’t voorbeeld, m e d e-s t r ij d e r s voor ’s lands onafhankelijkheid en verdedigers van de rijkdommen'van allen, die bezitten, mede-nakomelingen van ons voorgeslacht, dat niet zijn bloed gestort heeft en zijn rijkdommen vergaard heeft voor een deel, maar voor de geheele nakomelingschap, zoolang meen ik heeft elk Nederlander recht op brood, onderdak en arbeid.

En het mag niet, het kan niet goed zijn, dat wij musea bouwen voor schilderijen, schouwburgen subsidiëeren voor vermaak, terwijl nog altijd het dak ontbreekt voor degenen, die gebrek hebben aan ’t allernoodigste en dat slechts kunnen verkrijgen ten koste van de volkomen i n d i v i d u e e 1 e v r ij h e i d, in ons schoon Nederland het aller-allerhoogste.

»

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.