98
Zij omhelsde hem opeens, kuste hem op wangen, voorhoofd, nam toen zijn handen, boog zich tot zijn handen, kuste die, bleef ze kussen ....
Hij was even verbaasd. Toen had hij weer datzelfde gevoel, ’t welk hij al bij de eerste ontmoeting had gehad .... dat zij geen vrouw was, maar een groote hond met grijzig vel.
,,lk zou je voeten kunnen kussen,” zei zij van de» divan afzakkend en zijn beenen omvattend.
Hij liet haar begaan en huiverde van zichzelf, dat in hem iets was, dat hem deze vreemde liefkoozingcn als een genotvolle ontroering, ais een zaligheid deed ervaren. Tegelijkertijd vond hij zichzelf verwerpelijk en smadelijk. En terwijl zij haar armen vast om zijn beenen had geslagen, drukte zij haar gelaat tege* zijn enkels, tegen zijn harde rijgschoenen.
,,Ik zou door je getrapt willen worden .... ik zou willen dat je mij met je laars overal schopte en ik zou je er dankbaar voor zijn.”
* *
Toen Hans huiswaarts ging voelde hij zich opgeruimd. Hij zou ruim van geld voorzien zijn; hij had een aardige maitresse, die voor hem kroop als een slavin; hij zou de lessen aan de tooneelschool volgen; hij had de groote bibliotheek van den notaris tot zijn beschikking. Hans lachtte tegen zichzelf in de spiegelruiten van de winkels, waar hij langs liep. Toen hij de huisdeur opende, was het hem alsof