Opgedoken

Titel
Opgedoken

Jaar
2009

Pagina's
176



lompen- en oud-ijzerhandel, de straathandel, in de haven en de fabrieken. Een traditioneel domein was de diamantindustrie, waar ongeveer tien procent van de Nederlandse joden werk vond. Maar of ze nu arm of rijk waren, bijna allemaal voelden ze zich Nederlander.

Toen in de eerste maanden van 1933 in Nederland het nieuws over de nationaalsocialistische gewelddadigheden tegen Duitse joden doordrong, werd er door particulieren en met name door organisaties als het Joodse Vluchtelingencomité spontaan een hulporganisatie opgericht. De meeste joodse privé initiatieven zakten echter al na een paar maanden weer in.

De solidariteit van het begin maakte later plaats voor een toenemende afstandelijkheid en gereserveerdheid, die door allerlei sentimenten werden gevoed:de bezorgdheid voor een te grote invloed van buitenlanders, de angst voor concurrentie op de arbeidsmarkt en ook de constatering dat er een verschil in geloofsbeleving bestond. De meeste Duitse joden sloten zich bij de liberale joden aan en niet bij de orthodoxe richting die in Nederland de hoofdstroming was. Al deze gevoelens bij elkaar veroorzaakten tussen Nederlandse en Duitse joden min of meer ‘kortsluiting’, wat tot in de oorlog heeft doorgewerkt.

De Nederlandse regering zag de stroom Duitse immigranten met groeiend onbehagen aan. Met het oog op de dramatisch escalerende economische crisis in de jaren dertig met zijn grote werkloosheid beschouwden de verschillende kabinetten met aan het hoofd de conservatieve Hendrik Co-lijn het vluchtelingenprobleem als een extra belasting van de Nederlandse economie. Bovendien vonden ze dat ze rekening moesten houden met het politiek en economisch gezien machtige buurland in het oosten, het Derde Rijk.

Toen de Nederlandse regering in 1934 niettemin een stukje van de Wie-ringermeerpolder ter beschikking stelde voor het opzetten van een joods omscholingskamp, waar heel wat jonge emigranten uit Duitsland een ambacht hebben geleerd of zijn opgeleid tot boer of technicus, hoopte ze daarmee te bereiken dat de jongeren vervolgens verder zouden trekken naar Amerika of Palestina. ‘Doorreis’ was het parool. De druk op de Duitse vluchtelingen, joden of niet-joden, nam snel toe. Al in mei 1934 ging de grens onder luid protest van de vluchtelingencomités dicht. Duitse joden die illegaal het land waren binnengekomen, werden uitgewezen of in een van de nieuwe interneringskampen gestopt. Op een verblijfsvergunning konden ze alleen rekenen als ze toezegden dat ze zich van elke politieke ac-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.