Opgedoken

Titel
Opgedoken

Jaar
2009

Pagina's
176



stijl van de jaren twintig. Woonruimte was in die tijd in Nederland relatief goedkoop en de afmetingen en voorzieningen van de nieuwbouw leken veel op die van Duitse huizen.

Amsterdam-Zuid, waar veel straten waren genoemd naar góden en godinnen uit de Griekse mythologie en naar Duitse componisten, werd het centrale toevluchtsoord van de Duits-joodse emigratie in Nederland. Duitse mode en Duitse boekhandels, Duitse restaurants en Duitse tearooms, winkels met Duitse worst en Duits brood. Het was - bijna - net als thuis.

Het wijdverbreide gevoel maar ‘half uit de Duitse boot te zijn gevallen en er zijdelings toch nog een beetje bij te horen, werd versterkt doordat er voor de oorlog in Nederland een nagenoeg onuitputtelijk aanbod van Duitse cultuur bestond. Fritz Landshoff en Hermann Kesten bouwden, de één bij Emanuel Querido en de ander bij Allert de Lange, de twee grote uitgeversfondsen op waar het werk van de in ballingschap levende ‘verbrande schrijvers’ kon blijven verschijnen.

Daar publiceerden ze allemaal, Bertolt Brecht en Alfred Döblin, Ödön von Horvath en Lion Feuchtwanger, Thomas en Klaus Mann, Joseph Roth en Anna Seghers, Arnold en Stefan Zweig. En ga zo maar door.

Maar er werden hier niet alleen Duitse boeken uitgegeven en gelezen. Filmregisseurs als Max Ophüls en Detlef Sierck de latere Douglas Sirk, onderbraken hier hun reis naar de Nieuwe Wereld of bleven er, zoals Ludwig Berger en Kurt Gerron, die in 1944 in Auschwitz vermoord is. Acteurs en cabaretiers kwamen. De Pfeffermühle van Erika Mann gaf met veel succes gastvoorstellingen voor een Nederlands en Duits publiek. Het Rudolf Nelson ensemble en de Fritz Hirsch operette vierden triomfen. Schilders als Max Beckmann en Heinrich Campendonk zochten hun toevlucht in Amsterdam, evenals fotografen als Erwin Blumenfeld, Erich Salomon en Helmar Lerski.

Ook wetenschappers uit de meest uiteenlopende disciplines die in Duitsland van hun leerstoelen verdreven waren, kwamen naar Nederland. Onder hen met name veel sociologen: Karl Mannheim, Helmuth Plessner, Norbert Elias, Hugo Sinzheimer...Ook dit zijn slechts enkelen van de velen.

In januari 1937 werd er in Amsterdam een soort Duits-joods cultureel centrum geopend, ‘Huize Oosteinde’, dat het eerste jaar al een grote aantrekkingskracht op de emigranten uitoefende. Daar kwam je elkaar tegen, kon je ongestoord zitten lezen, taalcursussen Engels en Hebreeuws volgen, aan sport doen of gewoon wat praten, ’s Avonds waren er concerten, lezin-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.