geplakt die hem verbonden met de monitor waarmee permanent zijn bloeddruk en hartritme werden bewaakt. Een infuus in zijn linkerarm zorgde ervoor dat hij ook onafgebroken medicatie kreeg toegediend in de hoop dat hiermee zijn kritieke toestand veranderen en zijn hart zich stabiliseren zou. Om dit te bespoedigen werd Bram ook kunstmatig in sluimertoestand gehouden, waardoor hij de meeste tijd onbeweeglijk lag en in slaap was. Soms bewoog hij z'n lippen of sloeg hij, zoals net, heel even de ogen op.
Selma had zijn hand gepakt die slap op het laken lag. Intens verdrietig keek ze naar zijn gezicht met de geloken ogen en de openhangende mond, naar de marmerwitte kleur van zijn huid, die witter dan wit afstak bij zijn gitzwarte haar en baard. Hij was onherkenbaar en zag er op een wanhopige manier zo verlaten uit. De monitor naast hem hield ze met een schuin oog constant in de gaten en ze zag hoe de groene rupsjes gelijkmatig over het scherm voort kropen. In hetzelfde kalme tempo ging ook zijn borst, met de elektroden, op en neer. Ze hield zichzelf voortdurend voor dat haar zoon de leeftijd niet had om dood te gaan en putte moed uit de belofte van de cardioloog, die Bram bij binnenkomst in het ziekenhuis had onderzocht, dat hij er alles aan zou doen om Bram te redden. Ze had aan hem verteld over Aarons hartinfarct, over de operatie erna en wat er geestelijk voor vreselijks met haar man gebeurd was. Ze had de specialist gesmeekt te voorkomen dat Bram nu ook een hartoperatie moest ondergaan. De dokter had haar bemoedigend toegesproken en haar gezegd zich op voorhand niet zo'n zorgen te maken. Starend naar haar ernstig zieke zoon vroeg ze zich af hoe het mogelijk was zich op voorhand geen zorgen te maken,
174