Kamertjeszonde

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Koos Habbema

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1899

Overig
2ed

Pagina's
439



413

gine’s moeder. Het was wreer ’n typische komma-, punt-en hoofd-letter-looze brief.

Den Haag.

Waarde lieve georgine gezult wel zegge mijn moeder is ook een mooije we ontvangen haar zoo goed en nu krijgen we geen taal of teeken wat ondankbaar hè maar georginelief ik kon je niet alle treurige dingen schrijven en dus heb ik nog maar een beetje gewacht eerstens was ik de heele week ziek zoodat ik in bed moest blijven en tot overmaat van ramp was ik ongerust omdat die jan en die door niet goed harmoneere, lieve geor-giene als die izaak    maar niets    doet    hij was zoo driftig    en as je

an die heer maar    vastigheid    heb    lieve georgine ziet    eens een

paar dagen over te komen ik denk tusschen beide gek te worden als ik alles zoo nadenk dan zou ik het wel wille uitgille bij wie moet ik gaan klaagen ik heb niets meer jan en door le we als kat en hond en wij moeten nog van hun eten want je pa die heeft nog niks om hande    pa is met    alles    onverschillig hij is    de heele

dag weg en alshij    te huis komt    hoef ik je niets te    vertellen

daarbij komt nog dat pa tegenwoordig aan ’t sukelen is met jicht die ken haast niet loope ja ik heb wel een goede oude dag juist als je kinderen het meeste noodig hebt ben je van alles verlaate ik heb al teege pa gezegt als alfred soms een baantje voor hem heb al is het maar om voor te koome pa zegt dat izaak niets doen zal dat hij blij zal zijn om van alles af te koome georginelief stuur mij die paar cente van dat manteltje ik zou je er niet om vraage maar je weet wij zijn er om verleege schrijf uw dadelijk antwoord en doet de hartelijke groette an alfred en vergeef mij mijn gekriebel krabel maar ik ben in het kort zoo zeeneew-achtig dat ik haast geen pen in mijn hand kan houde nu nogmaals gekust en omhelst van je liefhebbende ouders en van je

moeder.

P. Z. Met door is ’t noch niets goed al maar sukele als god gaf dat jan het maar uitmaakte want wat moet daarvan groeije een zwangere vrouw en niet harmoneere groete an juf. perron.

„Heb je an je moeder geschreven, dat je verhuisd ben ?”

„Ja. En d’r me nood geklaagd. Hartelijke brief, hè ? Die mense zijn me ongeluk geweest. Wat ’n belangstelling, hé? En nog zoo

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.