Kamertjeszonde

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Koos Habbema

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1899

Overig
2ed

Pagina's
439



399

trouwelijke buien tot Georgine : „Je mot is bij ze thuis komme! Amelietje heeft me ’n ameublementje. Oe ! Oe ! Chic hoor! Tout ce qu’il y a de plus chic! En alles op haar naam. Maar bij Sophie daar slaat je de pracht tegen! Die heeft ’n héél beneje-huis in ’t Sarphatipark. Daar moet je een salonnetje zien! Jawel. Twee meiden, ’n keukenmeid en ’n kamermeid! ’k Ben’riseens geweest toen d’r heer niet thuis was. Je begrijpt da’k ’r niet komme kan als die heer ’r is. Nee, niet graag hoor. Perron zou zich in zijn graf omdraaie als-ie ’t zag. Was Perron ’n fatsoenlijk man, Georgine? ’n Gentleman, hè? Ja, die zou zich in z’n graf omdraaie... Maar wat kan ik ’r an doen ? . . . Ik kan ze toch niet an touwtjes vasthoue !... Vrouwen van dié leeftijd ... En wat voor vastigheid hebbe ze nou?Zehebbe ’tgoéd, da’s waar ... Sophie heeft honderd gulden in de week, Amelie tachtig buiten de cadeau’s — Laatst heeft de heer van Amélie ’n collier voor haar meegebracht daar wor je gewoon verblind van ... En dan zoo stinkend gierig! Wat ze maar kenne spare, legge ze op de spaarbank... ’k Weet niet hoeveel Amélie al heeft staan... En dan spele ze nog twee hande op één buik met d’r kruije-nier... Wat interessant, hè, 0111 je heer zoo af te zette!... Vorige maand had ze maar dertig gulden kruijeniersware gehad, die Sophie, en ze heeft d’r kruijenier tachtig late opschrijve. Die verdient ’r natuurlijk ook an... En voor d r moeder valle ze dood op ’n cent!... Als ’k niet te vrete had zoue ze me zoo late verhongere. Zijn me dat dóchters, die ’n moeder twee gulden in de week afdrage ? .. . En ’n kwartje as ze komme dineere !...”

Charles sprak van zijn „zuster-in-de-tabak” en van zijn „zuster-in*assuranties”. Hij had ’r slag van om ze geld af te zetten, ging op visite, leénde. Amélietje en Sophietje waren bang voor ma-craud-broer.

Twééhoog woonde ’n hoer-in-ruste uit de Nes, die respectabel „getrouwd” was met ’n verhuurder van fietsen. Hij was meestal uit. Zij, huisvriendin van Madame Veuve Perron, gilde hoeregilachtig-luidruchtig om de geringste aardigheid van Charles. Leentje Plas had ’n gezicht van enkel grove goedhartigheid, bolle koonen, mopneus met wijd-uitstaande neusgaten, sterk ontwikkelde lipgleuf, vette lichaamsgezetheid. Den eersten dag was ze al „vriendin” met Georgine, kwam koffiedrinken, schaterde druk, smeet ’r uit wat ’r voor haar mond kwam, vulde de kamer met

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.