Kamertjeszonde

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Koos Habbema

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1899

Overig
2ed

Pagina's
439



316

bewustheid het geestelijk proletariaat, dat er zich thuis voelt als ’n roodkiewige visch in n stinksloot. Kroon-stedeke van Hol-land’s achterlijkheid — er zal een tijd zijn dat het échte volk u zijn slagen zal doen gevoelen. Vergiffenis is voor alles, voor hoeren, moordenaars, voor alle noodlotsindividuën van een passioneel oogenblik, maar voor een stad die zijn intellect ver-hoereert, die zich zelve verslet zonder eenig lichtpurper ideaal, zal in geen komende tijden, ander woord dan verachting van zèer-uit-de-hoogte te spreken zijn. Patroontjes, bureau-potentaten, dit is de eenvoudige, niet te harde boekstaving van uw verleden en héden. Gij zijt Holland op z’n walgelijkst, Een denkend man doet beter uw muffe bederfsfeer te mijden, — 11 b è-raal-cónsèrvatièf stedeke van puur klootjesvolk.

Ik zei dit maar zoo terloops, zonder mezelf warm te maken.

Georgine maakte de deur open — „ .. . ’n Gezégend nieuwjaar,” zei ze in ’t donker portaal, begon te huilen. —„Kom, wat is dat nou!” — „Ik ben zoo zenuwachtig” ... — „Is ’r wat gebeurd?” — Nee — ze waren héél lief voor me, ze hebben alles voor me gedaan... maar zonder jou... zonder jou!” — „Toe huil nou niet verder, ’t Is kwart voor twee ... We hebben nog ’n héélen nacht voor ons, hè ?” Nou gaan wij het échte ouwjaar houen, hè?”... — „Sta je nóu al te vrije?” — schreeuwlachte juffrouw Cornet boven aan de trap: „got-wat-è-verliefde! Nou!”

— „We komme al... Vroege ze je thuis niks, Alf?... Zei je ma niks?” — „Ze zei da’k ’r zoo schandelijk uitzag.” — „Heüsch ?”

— „ . . Dat me jas vól vetvlakken zat”... — „Zie je!... Heb ik ’m niet wille schoonmake met naphtaline ?. .. ’k Zei’t nog zóo.”— „En dat me boorde zoo slecht gestreke zijn” ... „Hè, wat sta je te jokke”... — „En da’k gauw moest gaan trouwe”,.. — „Was ’r visite?” — „Allemaal beeldschoone meisjes, die me allemaal ’t hof maakten... Een was er bij met zeven millioen contant en drie en twintig millioen als d’r teringachtige papa komt te overlijden” . — „Toe, zeg zou,.. hou me nou niet voor de gek. ..” — „Strakkies. Éérst boven wat warm worden”... — „Wat ben ik góddelijk-gelükkig da-j’r weèr ben, hè!” — Gearmd liepen we de nauwe trap op. Het was een kleine, burgermans-kamer, met witte rolgordijntjes, veel portretten van speciale menschen. — „U moet niet rondkijke,” excuseerde juffrouw Cornet: „’k Had vanmiddag ’t kleed opgenome omdat me buikspre

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.