Geschiedenis van het volk Israël

Titel
Geschiedenis van het volk Israël

Jaar
1891

Pagina's
200



98

HOOFDSTUK LX.

Davids vlucht.

David wilde eene schuilplaats zoeken in het Philistijnsche land bij Achis, koning van Gath. Onderweg bezocht hij de Benjaminietische stad Nob, waar sinds eenigen tijd de tabernakel geplaatst was en de hoogepriester Achimêlech, een achterkleinzoon van Eli, woonde. Onder voorwendsel dat hij, door zijn vorst onverwacht met een gewichtige zending belast, niet in de gelegenheid geweest was, om zich van teerkost en eenig wapentuig te voorzien, verzocht hij Achimêlech, hem zulks te verschaffen. Deze gaf hem van de heilige toonbrooden en het zwaard van Goljath, dat in het heiligdom bewaard werd, waarna hij zijn tocht voortzette naar het land der Philistijnen. De ongelukkige balling geraakte echter ook daar spoedig in levensgevaar. Daar Achis' hovelingen hem herkenden als den overwinnaar van Goljath, wezen zij hun vorst op de gunstige gelegenheid, om zich van dien gevaarlijken vijand meester te maken. Toen David merkte, welk gevaar hem dreigde, redde hij zich door de volgende list. Hij stelde zich waanzinnig aan en maakte zulk een misbaar, dat Achis hem uit zijn gebied verdreef. Hij keerde naar zijne stamgenooten terug, bij wie hij eene schuilplaats vond in de spelonk Adullam. Daar bezocht hem zijne familie, wier leven — naar het schijnt — ook door Sant bedreigd werd. Door zijne voorspraak vonden zijne ouders een toevluchtsoord in Moab, het land zijner stammoeder Ruth. Ook hij zelf hield zich daar eenigen tijd op, maar keerde op bevel van den profeet 6ad naar Juda terug, waar hij het woud Chéreth tot zijne schuilplaats uitkoos. Intusschen had zich eene schaar van 400 dappere en krijgshaftige mannen bij hem aangesloten, die hem als trouwe wachters op zijne zwerftochten ter zijde stonden.

Wantrouwen en achterdocht folterden intusschen op schrikkelijke wijze Sauls gemoed. Zelfs zijne naaste omgeving beschuldigde hij van verraad en geheime samenzwering tegen ziin persoon. Hij ontnam David zijne geliefde echt-genoote Michal, die hij een zekeren Paltid tot vrouw schonk. Onmenschelijk wreed gedroeg hij zich jegens de onschuldige priesters van Nob, toen hij van een zijner hovelingen, Doeg den Edomiet, vernam, dat Achimêlech David op diens vlucht van spijs en wapentuig voorzien had. Deze werd met 85 priesters te Gib'a tot 'aul ontboden en wegens hoogverraad ter dood veroordeeld. Achimé.lechs verdediging, dat hem hoegenaamd niets bekend geweest was van ’s konings

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.