David weder aan het hof te ontbieden. Dit was echter slechts van korten duur. Zoodra Saul de gelegenheid gunstig zag, trachtte hij hem andermaal met eene lans te dooden. De aanslag mislukte, waarop David uit het koninklijk paleis naar zijn huis vluchtte. Ook daar was hij zijn leven niet meer zeker, daar Saul het huis door wachters liet omsingelen met het bevel, hem den volgenden ochtend te dooden. Door eene list zijner kloeke vrouw Michal vluchtte David echter nog denzelfden nacht en ontsnapte gelukkig aan het oog der wachters. Na zijne vlucht legde Michal een beeld in zijn bed, zoodat zich de wachters, toen zij eindelijk het huis binnengedrongen waren, deerlijk bedrogen en in hunne verwachting misleid zagen. David begaf zich intusschen naar de profetenschool te Rama, maar ook daar verschenen Sauls boden, om hem gevangen te nemen. De aanblik der heilige oefeningen bracht hen echter in zulk eene verheven stemming, dat zij het doel hunner komst geheel uit het oog verloren. Toen Saul tot driemaal toe gezanten naar Rama gezonden had, maar dezen niet terugkeerden, ging hij er zelf heen. Reeds in de nabijheid der profetenschool maakte zich een geheel andere geest van hem meester. Hij begaf zich onder de leerlingen, die hun leven geheel aan den dienst van God gewijd hadden en geraakte met hen in eene hoogere, profetische stemming.
David wendde zich eindelijk tot zijn boezemvriend Jonathan, door bij wien hij zich beklaagde over de wreede en onbillijke vervolgingen zijns vaders. Deze verzekerde hem, zich nog door ééne proef van de gezindheid zijns vaders jegens hem te overtuigen. Saul had de gewoonte, op het nieuwemaans-feest zijne hovelingen bij zich ter maaltijd te noodigen. Bij de eerstkomende gelegenheid verscheen David met opzet de beide nieuwemaansdagen niet vaan den disch. Op ’s konings vraag, waarom Davids plaats onbezet bleef, antwoordde Jonathan, dat deze hem verlof gevraagd had, om een familiefeest te Beth-Léchem bij te wonen. Vol woede verweet hij daarop zijn zoon de vriendschap met David en greep zelfs naar de lans, om hem te dooden, toen deze voor zijn onschuldigen vriend het woord opvatte. Thans begreep Jonathan, welk gevaar David boven het hoofd zweefde. Hij zocht hem volgens afspraak terstond op en raadde hem aan, het land te verlaten. Na wederzijdsche beloften van onverbreekbare trouw namen de beide vrienden hartelijk van elkaar afscheid.