Geschiedenis van het volk Israël

Titel
Geschiedenis van het volk Israël

Jaar
1891

Pagina's
200



145

overgeleverd was. Om zich van het ongestoord bezit van den troon te verzekeren, liet zij alle telgen van Davids stamhuis om het leven. brengen. Slechts één spruit van dit doorluchtig geslacht bleef van hare woede verschoond. Het was haar éénjarige kleinzoon jehoas, die door Jcho-séba, eene zuster van Achazja en gemalin van denhooge-priester Jehojada, gered en in een der tempelvertrekken verborgen werd. Gedurende zes jaar regeerde Athalja tot ergernis van ieder, bij wien het natuurlijk gevoel voor godsdienst en zedelijkheid nog niet geheel uitgedoofd was. Toen de jonge prins, dien de tempelwanden nog altijd verborgen hielden, den ouderdom van zeven jaar bereikt had, meende Jehojada, dat thans de tijd aangebroken was, om aan Athalja's wanbestuur een einde te maken. Hij ontbood de Levieten en de voomaamsten des rijks te Jeruzalem, wien hij tot hunne groote vreugde mededeelde, Art. Davids troon weldra door den eenig overgebleven telg uit diens geslacht zou bezet worden. Nadat alles naar behooren voorbereid was, bracht hij den jeugdigen prins uit zijne schuilplaats te voorschijn; hij zette hem de kroon op, overhandigde hem de heilige wet en zalfde hem, onder de luide jubelkreten der aanwezigen, met de heilige olie. Athalja ijlde, door het alarm hevig verschrikt, uit haar paleis naar den tempel, die dicht daaraan grensde. Welk eene bittere teleurstelling maakte zich van haar meester, toen zij den jongen vorst zag, staande op eene verhevenheid en omringd door de rijksgrooten en het jubelende volk. In wanhoop verscheurde zij haar gewaad onder den uitroep: «verraad, verraad!” Zij werd o\> Jehojada's bevel onmiddellijk gegrepen en naar eene der stadspoorten gevoerd, waar men een einde aan haar vloekwaardig leven maakte. Opdat met haar tevens de sporen van haar verderfelijken invloed uitgewischt zouden worden, sloot de hoogepriester een verbond tusschen vorst en volk, waarbij allen tevens plechtig beloofden, God getrouw te blijven en Hem alleen te dienen. Nog geheel onder den indruk van het oogenblik, drong men den Z?<tó/-tempel binnen, die met zijne altaren, beelden benevens den afgodspriester Mattan der vernietiging prijs gegeven werd. Nadat Jehojada de verschillende tempeldiensten geregeld had, toog de nieuwe koning met veel luister en begeleid door eene blijde en dankbare volksmenigte van den tempel naar het paleis zijner voorzaten, terwijl ieder weder met de schoonste verwachtingen omtrent den jongen vorst naar zijne haardstede terugkeerde.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.