Geschiedenis van het volk Israël

Titel
Geschiedenis van het volk Israël

Jaar
1891

Pagina's
200



profeet te Samaria te wenden, die hem van zijne ziekte zou genezen. Hij gaf daaraan gevolg. Te Samaria gekomen, overhandigde hij den koning van Israël een brief van zijn vorst, waarin hem gelast werd, Na'aman van zijne melaatsch-heid te genezen. De koning ontzette zich bij het lezen van dien brief, daar hij in dit bevel, dat hij onmogelijk kon ten uitvoer brengen, slechts een voorwendsel tot een oorlog zag. Maar E/isa, die dit vernam, verzocht hem, den Syrischen veldoverste tot hem le zenden, wien hij den eenvoudigen raad gaf, om zich zevenmaal in de Jordaan te baden. Ofschoon deze gemeend had, dat de profeet hem met meer onderscheiding behandelen en op eene geheel andere wijze genezen zou, liet hij zich eindelijk door zijne dienaren daartoe bewegen. Nadat hij daardoor volkomen genezen was, begaf hij zich met zijn gevolg onmiddellijk tot den profeet, wien hij zijne dankbaarheid betuigde onder de verzekering, sdat hij thans overtuigd was van de macht en grootheid van den eenigen God, den God van Israëli' Hij beloofde hem, ook na zijne terugkomst in zijn vaderland dien God alleen te dienen en geene afgoden meer te vereeren. Tevens bood hij zijn redder geschenken aan, maar deze weigerde iets aan te nemen, daar hij zijne eenige en grootste belooning zocht in de verheerlijking van God. Juist daarom was hij zeer verontwaardigd over zijn hebzuchtigen dienaar Géchazi, die Na’aman terstond na diens vertrek achterna liep en hem namens zijn meester verzocht, eene aalmoes af te zonderen voor twee behoeftige profeten-zonen, die juist zoo even bij hem gekomen waren. Daar Na’aman deze gelegenheid gaarne te baat nam, om zijne dankbaarheid te toonen, overhandigde hij hem eene aanzienlijke gift, waarmede deze huiswaarts keerde in de meening, dat zijn meester van dit bedrog niets merken zou. Maar het bleef niet verborgen voor Elisa, die hem bij zijne terugkomst vertoornd toeriep: »is het thans tijd, om geschenken aan te nemen, waar de naam Gods geheiligd moet worden? De melaatschheid van Na'aman hechtte zich aan u en uw kroost.”

HOOFDSTUK LXXXII.

Jéhu’s koningschap.

Jéhu, op wien Elisa en de trouwe dienaren Gods al hun hoop en vertrouwen gevestigd hielden, beantwoordde echter niet aan de verwachtingen. Daar hij den kalverdienst, door Jarob'am ingevoerd, bestaan liet, roeide hij den geest des

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.