Schetsen en vertellingen

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Samuel Falkland

Titel
Schetsen en vertellingen

Jaar
1974

Pagina's
249



die in d’r mond was blijven steken, weg: ‘ken ik ’t helpen...? Is ’t mijn schuld...? Hè-’k ’m niet driemaal verbojen ..

Dat loog ze inderdaad - dat flapte ze ’r in ’r zenuwgedoetje uit -ze had, terwijl hij op de sofa op-snurken-af rustte en terwijl zij de krant inkeek, eindelijk ook is ongestoord ’n paar happen genomen, ’n Half uur was ze ’r mee bezig geweest Bennie, die met geweld gevoerd moest worden, te stoppen.

Meneer had gegeten, mevrouw had gegeten, Bennie had gegeten, -zij had, terwijl de borden weggehaald werden, gehaast en beschaafd, omdat meneer en mevrouw toekeken hóe ze at, de kouwe aarpels in de gestolte saus gebikt. Bij de gries en de bessensap waren de anderen lang klaar, had zij met snoezig-lieve praatjes Bennie overreed z’n mond open te houen, had ze ’m zitten vertroetelen met verlokkende woordjes; en toen ze eindelijk aan haar portie mocht denken, en mevrouw ’n quitantie, die op zoo’n ongelegen oogenblik betaald moest worden, gehumeurd naast ’r bord lei - was ’t ontzettende geschied. Bennie verliefd op ’t blinkende tientje - de rijksdaalder had ’m minder geinteresseerd - Bennie, die alles, kroes, lepel, rammelaar, bord tegen den grond smeet, die nooit (zoo’n heerlijk-verstandig ventje, zoo’n uitzonderingskind was-ie!) vieze dingen in z’n mond stak, had ’t goudstuk met ’t koninginne-beeltenis en ’t opschrift God-zij-met-ons tusschen de kauwlustige melktandjes gegrepen en...

‘Hoe komt dat geld in ’t bereik van ’t kind! Wie leit ’r geld in de buurt van ’n kind!’ foeterde meneer, koortsachtig gehaast z’n bretels hechtend: ‘dat is toch idiotenwerk!’

‘Ik wou mevrouw, die de krant zat te lezen, niet storen,’ snikkerde de juffrouw; ‘toen hè-’k ’t naast ’t bord geschoven. Een tientje, een rijksdaalder, twee centen ...’

‘Ach Bennietje, Bennietje-lief!’ huilde mevrouw, met ’t ventje op en neer stappend: ‘wat heb je uitgehaald...! Ach, ach, ach, wat ’n ongeluk!’

De juffrouw kroop nog op handen en voeten en met nokjes van ’n in z’n slaap na-hikkend zuigelingetje onder de tafel, om zich te overtuigen of ’t tientje niet op den grond was geroetscht - nooit had Bennie zóó iets gedaan! - en de meid zocht overal mee - en meneer, die de trap af was gehold - met drie, vier trejen gelijk, om den dokter te alarmeeren - snauwde de gebukte ruggen toe; mevrouw,

231

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.