Schetsen en vertellingen

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Samuel Falkland

Titel
Schetsen en vertellingen

Jaar
1974

Pagina's
249



ouwe hoofden. Vijftig jaar over den lessenaar gebogen, met uitzicht op ’t klimop van ’t binnenplaatsje. En niks in die jaren veranderd, dan dat de oude patroon dood was gegaan en de zoon z’n vader opgevolgd. Vijftig jaar - toen-ie op ’t kantoor kwam, was-ie ’n blonde krulkop, ongetrouwd - nou was de vrouw gestorven, woonde-die met z’n dochter samen, droeg-ie ’n pruikje.

Jans, ’r kopje thee slurpend, zat sentimenteelig te zuchten. Anderhalve maand hadden ze ’s avonds af en toe over den dag gepraat. Als ’r in de krant van ’n feest gesproken werd, van ’n politieagent, die vijf en twintig jaar dienst had, of van ’n leeraar aan *n hoogere burgerschool die z’n zilveren jubileum gevierd had, zei ze in ’r eenvoud: °t Is me wat! Wat ’n kouwe drukte! Jij ben al haast vijftig jaar in betrekking!’ En toen ’r ééns in de krant ’n halve kolom stond van ’n sluiswachter die vijftig jaar de sluizen geopend had en feestelijk was toegesproken en ’n enveloppe had gekregen - las ze ’t relaas twéémaal over, tweemaal hardop. Nog ’n maand, dan was ’t bij hun ook. ’t Oude boekhoudertje knikte dan, maar lachte niet. °t Is raar/ zei die: °t is raar - niemand zegt ’r op kantoor ’n wóórd van.’ - ‘Je heb nog een en dertig dagen/ troostte zij sekuur: heusch, ze vergeten ’t niet. Van een en dertig werd ’t acht en twintig, zeventien, tien... Telkens als-ie tegen zes uur thuiskwam, zat ze in vragende afwachting.

Maar niéuws bracht-ie niet mee. Als ze wat doen wouen, niewaar, als ze ’m nu op 1 Augustus ’n attentie wouen bereiden, dan mocht je toch verwachten dat de een of ander, Bredé die Indië behandelde of Vorsterman, de correspondent, of Van Velzen die ’t journaal bijhield, om van de jongeren niet te spreken, allicht ’s ’n woordje lieten glippen. Hoe licht zeg je niet: Nou, de Haan, ’t is haast één Augustus - of: De Haan, je doet je zaakjes toch nog best met je vijftig jaar dienst - of: De Haan, in vertrouwen gevraagd, wat zou je willen hebben? Maar geen kik - gister, één-en-dertig Juli, hadden ze allemaal gewoon d’r werk gedaan, had niemand de flauwste toespeling gemaakt.

Voor ’n week had Jans ’r ’s avonds bijna ruzie om gekregen.

‘Zeg je hun niks vader?’

‘Nee/ zei hij, z’n oud pruike-hoofdje ernstig schuddend: ‘ik zeg niks/

143

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.