Kleine vertelsels

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Samuel Falkland

Titel
Kleine vertelsels

Jaar
1906

Druk
1953

Pagina's
140



124    ANGSTAVOND

ernstig, met een ijzig-strak besef, dat hij twee vrouwen en een keesje te beschermen had.

„Zal ik ope make ?” kwam Jans, benauwd-pijnlijk nóg eens vragen.

„La-maar belle, Jans,” herhaalde de heer Duimelaar, kalm als een gezagvoerder op een geteisterd schip.

Rinke-lerinke-lerinke . . . klink . . . klink, zei de schel.

„O, God!” zei mevrouw.

„Wie daar nou weese kan,” zei de meid.

„Niét ope make,” herhaalde mijnheer blankdeftig, eenvoudig en rustig bij zijn broodje met kaas.

Maar de schel luidde voort.

„Wat èng,” beefde mevrouw Duimelaar, geboren Babs.

„Hij zal wel zien da-we naar bed zijn,” verzekerde mijnheer.

„Laat dan tenminste den hond los,” kwekkerde mevrouw met veel wit om den neus. „Vooruit Nero,” zei mijnheer met een zware stem, die hem zélf kippetjesvel gaf.

„Wat e geluk as d’r 5n man in huis is,” vleide Jans.

Eenigszins lichtschuw over de eigen baldadige heldhaftigheid, liep meneer, zeer mannelijk-zwaar van praten naar de voordeur.

„... Hier Nero! . . . Hier!. . . Koescht Nero! . .. Laat Caesar los, wróü! . . . Koescht Nero!” . . .

Het keeshondje wefwefte als een geschudde steenen spaarpot met wat duiten er in.

,,. .. Wie is daar?” baste meneer achter de deur.

Buiten klonk een vrouwestem.

„W&tte?” brulde meneer: „Koescht Nero!”

De stem was niet te verstaan.

Meneer schoof den bovensten grendel weg.

„O! O! O!. .. Wat ga je beginnen,” zenuwdribbelde mevrouw.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.