kastanjes droegen roode kaarsen, een nachtegaal zong door den nacht — en den dag daarna bloeiden de azalia’s zacht geel en ze roken naar liefde. Dit alles heb ik gehad.... Karei moest op zijn veertiende jaar al zwaar havenwerk doen en zijn hoogtepunt was het verdienen van 19 Gulden in de week op zijn 24ste bij een of ander Veem — en dan kwam tegelijk met de werkloosheid het tweede kind, en door ondervoeding en al dat zware, jarenlange gesjouw zonder vacantie waren zijn longen aangedaan. Hij was eens in Zandvoort geweest met zijn vrouw en de kinderen, maar daar was niets aan geweest. Ze hadden in de rij moeten staan bij de tram en de kinderen waren gaan overgeven en zijn vrouw had gehuild —
En ineens heb ik twee kwartjes in mijn hand: „Dat is geleend," zegt Karei, „en as het niet anders kan ook niet geleend, maar een mensch moet ete en leven — en wat zal ik nou voor u hale?" Ik heb voor een paar dagen te voren bij iemand, die ƒ 15000 per jaar verdient, ƒ 25 ter leen gevraagd — hij trok een gezicht, alsof ik zijn hartebloed vroeg en zijn ziel erbij. En den volgenden dag kreeg ik het beleefdste, kilste briefje, dat ik ooit van beleefde kille menschen ontvangen mocht — ik