48
van den beginne tot ontknooping bestemd was — scheuren ot lostornen.
c. Van voorwerpen.
Breken (behalve van spijzen tot voedsel) - snijden, zagen enz. ook zonder de bedoeling, om aan het voorwerp een bepaalden vorm te geven (behalve van spijzen tot voedsel) — uitwisschen van teekens, figuren, letters enz., op welke wijze ook vervaardigd (vandaar ook het verbreken van zegels in lak).
d. Yan lichamen.
Een huid aftrekken - een huid splijten — het afscheuren, uitrukken, plukken enz. van haren of draden uit een huid of vel — het afknippen of hoe ook verwijderen van nagels - het uittrekken (van daar ook het kappen) van het hoofdhaar (glad-maken met de hand of met een zachten borstel is geoorloofd) - slachten — een dier (behalve dat levens-gevaar veroorzaakt) dooden — een wond aanbrengen.
e. Yan planten.
Maaien — afsnijden, of op welke wijze ook uit-rukken van planten of gedeelten er van op de plaats, waar zij groeien — hun groei op eenige wijze tegengaan of belemmeren - een boom schudden of beklimmen - tegen een zwakken boom steunen — vruchten, van een boom gevallen, genieten of op• nemen — het verwijderen van vruchten uit de aren of hulzen (wanneer deze laatste niet zelf genietbaar zijn).