47
doen hranden of blusschen of het branden of blus-schen er van bevorderen
6. Voltooien.
Elke verrichting, waardoor aan eenig voorwerp de laatste hand gelegd en waardoor het dus voor sdjne bestemming geheel geschikt gemaakt wordt, bijv. het trekken van de noodige banden of riemen door kleederen of schoeisel, het verwijderen van rijgdraden, het slijpen of recht buigen van scherpe voorwerpen, het atspoelen van vaatwerken (tenzij men deze op Sabbath nog wil gebruiken), het vouwen van klee-deren in hun regelmatige vouw, het opwinden en in beweging brengen van uurwerken, machines enz.
7. Scheiden, afzonderen, verdeelen.
a. Van spijzen en dranken.
Uitpersen van vruchtensap, om tot drank te
dienen, of het drinken van het sap, dat zich van zelf op Sabbath afgescheiden heeft — melk, op
Sabbath gemolken, drinken.
b. Van stoffen.
Een doek of spons uitpersen - een spons ge-
bruiken, zoodat uitpersing veroorzaakt wordt — ijs of sneeuw opzettelijk doen smelten — het uithalen van weefsels of van gevlochten werk — losmaken van knoopen, die men op Sabbath niet vervaardigen mag, tenzij bij groote behoefte daaraan op den dag zelf, door eenen niet-Israëliet, wanneer de knoop