21
alle boosheid en geweid ולמלשינים) ברכה המינים) en verheffing der deugd (׳(על הצדיקים gepaard aan het herstel van Jeruzalem !ולירושלים) — Ps. 122/ 6
TT
— en het huis Davids (אה צמח - Jer. 33, 15 —. Aan het slot van deze smeekingen richten wij tot God de bede, dat. Hij ons gebed in welgevallen aan-neme (שמע קולנו).
4. Van de drie laatste lofzeggingen is de eerste (רצה־) de ׳ברכי־ה עבודה de lofzegging, waarin bij den vroegeren tempeldienst, zoowel iederen morgen als op den Verzoendag, het goddelijk welgevallen voor den verrichten dienst werd afgesmeekt. Bij ons is hier natuurlijk de bede om herstel van den, tempeldienst !המחזיר ׳יההזינה ׳והשב) ingevoegd. — In de volgende lofzegging (י מורים huldigen wij God voor de genade, die Hij ons iederen dag, ja iedere stonde bewijst. — De slot-lofzegging שים שלום staat
T
in verband met den priesterzegen (׳(כרכרה כהניס die bij den ^ezamenlijken dienst hier zijne plaats heeft en die immers met וישם לך שילום eindigt. (Zoo beantwoordt ook ברכני aan יברכך en באור פניך aan י>?ר ה׳ פניו). Deze lofzegging sluit het gebed
TT *' T
met de zegenbede om alle werkelijk heil (in het woord שלום samengevat). Bij het avond- en mid-
T
daggebed (behalve bij het middaggebed op Sabbath-en algemeene vastendagen) wordt שים ’סלים door
T
de verkorte lofzegging שלום רב vervangen Het
T T
schoone gebed אלהי נצור is grootendeels een van