Van de nieuwe gemeenschap der Menschen

Titel
Van de nieuwe gemeenschap der Menschen

Jaar
1924

Overig
Een gedicht

Pagina's
85



En spitte in de bevende verblijven,

Eener nog ongekende werkelijkheid;

Geen God vond hij, hij vond de Energie,

Hij vond de Arbeidskracht, die daarin leefde, Zooals in hem, en los maakt alle zaad,

En de Gemeenschap beeldt, en laat ontstaan Het spel der lijnen, en de vaart der vlammen, En houdt in stand hun snelle werveling; Geen God vond hij, hij vond de felle kracht, De altijd jagende, den blinden wil,

De groote ruischende saamhoorigheid,

In wie de polsslag der atomen klopt*

En dit sprak Zij: de Arbeidskracht,

De beeldende, de fonkende Energie,

Zij is de zang die door materie ruischt, Materie zelve zij is Energie,

Vertraagde Energie, daar is geen stof,

Of zij is saamgesteld uit Energie;l)

Kon men de traagheid breken uit een Gram Koolstof, met helder licht zou staan gevoed De straten en de pleinen van gansch Holland, Oneindig saamgetast leeft Energie In 't allerkleinst atoom.

Stoot haar dus los Verbreek de traagheid rustend in de stof, Opdat zij sprankele, verlost en blij,

En d' oude Aard' een nieuwe Wereld zij. l) Einstein.

77

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.