Kamertjeszonde

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1970

Pagina's
392



genotzuchtige Trees. Het totaalbeeld is somber: in de zakelijk opgezette huwelijken is de vrouw de dupe, in de vrije liefdesverbintenissen de man. Tegenover deze valse relaties stelde de jonge auteur Alfred Spier en Georgine Casper, beiden bezield met goede bedoelingen. Er is geen twijfel aan, dat veel van zijn eigen belevingen in het boek terecht zijn gekomen. Heijermans was in 1892 uit zijn geboortestad Rotterdam naar Amsterdam gegaan om als schrijver en journalist zijn bestemming te zoeken en werd er verliefd op de soubrette Maria Sophia Peers. Hij trouwde in 1898 met haar, en zoals hier tevoren werd betoogd was dat enkel in schijn inconsequent.

De onontwikkelde, wantrouwige, conventioneel denkende, heftige, jaloerse, bijgelovige, lieve Georgine, met haar dochtertje Ka de overtuigendste figuur in het boek, is duidelijk naar levend model getekend. En ik hoop vurig, dat de briefjes van haar moeder en haar eigen roerende pogingen tot poëzie niet door de auteur zijn verzonnen. Zelfs in deze reportageachtige roman doen zij ietwat vreemd aan, alsof de schrijver-journalist het materiaal te mooi had gevonden om weg te laten, al had hij het strikt genomen voor de typering van de personen en de ontwikkeling van de gebeurtenissen niet nodig.

Maar wie is Alfred Spier? Herkent men Heijermans in deze man van even dertig, die met zijn couwelijke bakkes, rooie haren, rooie snor’ door zijn eigen boek wandelt zoals - naar terecht werd geschreven - Hilde-brand door de Camera Obscura, een wat droevige pedant, een overwijze allesweter? Heijermans, die ook voor zijn toneelstukken soms uit zijn eigen ervaringen putte, heeft bijvoorbeeld in De opgaande zon en Eva Bonheur zichzelf, zijn eigen gevoel, gedrag, overtuiging verbeeld in figuren, die het gelijk wat al te gemakkelijk aan hun zijde hebben, en Alfred Spier kan uitstekend hun jongere broer zijn. In elk geval, hij is socialist en schrijver, leeft in een Amsterdamse artiestenwereld en komt uit een groot Rotterdams bourgeois-gezin. Tot zover klopt alles. Maar één ding klopt niet; Alfred Spier, hoewel zijn naam best joods zou kunnen zijn, is per se géén jood, en Heijermans was zoals men weet de zoon van een in zijn tijd zeer bekend joods journalist, die als raadsverslaggever, reporter en humorist tot op hoge leeftijd aan de Nieuwe Rotterdamse Courant en het Zondagsblad meewerkte.

Was diens zoon antisemiet geworden ? Hij zag bij de voorstelling van een klucht een czwart diamantjoodje,5 met ‘dichtgeknepen oogjes, opgetrokken lebberkonen en een wijd-open vlezige lippen mond5. Aan het Scheve-ningse strand zag hij ‘jodenfamilies met jodenpa, jodenma, en een half-dozijn bij-de-pinken jodenkindjes5. Georgine heeft het over haar man in

387

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.