En voorts heb ik deurwaarder exploiteerende en sprekende, met domici-liekeuze als voren, de voormelde Georgine Casper
GEDAGVAARD
Om bij behoorlijk te voren gestelden procureur op Donderdag den negenden April 1800 vier-en-negentig, des ochtends ten half-twaalf ure, te verschijnen ter rolle van de tweede kamer van de Arrondissements Rechtbank te Amsterdam, zitting houdende in het daartoe bestemde lo-, kaal van het Paleis van Justitie aan de Prinsengracht, bij de Leidsche-straat, te Amsterdam,
TEN EINDE
Aangezien de Eischer den vijfden Maart 1887 te Amsterdam is gehuwd met de Gedaagdesse;
Aan gezien gedurende dit huwelijk de Eischer heeft moeten ondervinden, dat de gedaagdesse in ongeoorloofde betrekking heeft geleefd met een anderen man dan den Eischer, immers met dien anderen man bij herhaling vleeschelijke gemeenschap heeft uitgeoefend en bovendien afzonderlijk heeft gewoond vanaf 5 November 1893 tot Donderdag den twaalfden Maart 1800 vier-en-negentig in de Jan Steenstraat No... te Amsterdam ten huize van den Heer Jacobus Doedelaar, met dien anderen man dan den Eischer;
Aangezien de gedaagdesse met den bedoelden persoon een kamer met alkoof en keuken gedurende dien tijd heeft bewoond en op die kamer zich toen heeft bevonden slechts één tweepersoonsbed;
Aangezien meerdere personen gezien hebben, dat de Gedaagdesse met den bedoelden persoon te samen in nachtgewaad op hetzelfde bed hebben plaats genomen;
Aangezien deze feiten daarstellen overspel door de gehuwde vrouw gepleegd en dat de Eischer mitsdien gerechtigd is om de ontbinding van het huwelijk door echtscheiding te vorderen;
Aangezien de Eischer, zoo de Rechtbank het noodig acht, bereid is deze feiten door getuigen en andere middelen rechtens te staven, Mitsdien bij vonnis van welgemelde Rechtbank en Kamer zal worden uitgesproken de ontbinding van het tusschen partijen bestaande huwelijk door Echtscheiding, met al de wettelijke gevolgen daarvan; alles met veroordeeling van de Gedaagdesse in de kosten van dit rechtsgeding - onder voorbehoud voor den Eischer om, pendente lite, zoodanige incidenteele vorderingen te doen als hij naar aanleiding van de daartoe bij de wet verleende
377