lope ja ik heb wel een goede oude dag juist als je kinderen het meest nodig hebt ben je van alles verlate ik heb al tege pa gezegt als alfred soms een baantje voor hem heb al is het maar om voor te kome pa zegt dat izaak niets doen zal dat hij blij zal zijn om van alles af te koome geor-ginelief stuur mij die paar cente van dat manteltje ik zou je er niet om vrage maar je weet wij zijn er om verlege schrijf nu dadelijk antwoord en doet de hartelijke groette an alfred en vergeef mij mijn gekriebel krabbel maar ik ben in het kort zo zenewachtig dat ik haast geen pen in mijn hand kan houden nu nogmaals gekust van je liefhebbende ouders en van je moeder.
p.z. Met door is toch niets goed al maar sukele als god gaf dat jan het maar uitmaakte want wat moet daarvan groeije een zwangere vrouw en niet harmonere groete an juf. perron.
cHeb je an je moeder geschreven, datje verhuisd ben ?5 cJa. En d’r me nood geklaagd. Hartelijke brief hè? Die mense zijn me ongeluk geweest. Wat een belangstelling, hè? En nog zo interessant om te vrage om geld voor een oud manteltje, dat ik haar vergete heb terug te geve.5
‘En nou ga ik weg jonges.5 ‘Hé, blijf u nou nog wat, ome!5
‘Nee, ik moet weg. Volgende week kom ik weer es terug, hoor.5
‘Krijg ik nou geen zoen ? - U zoent me nooit meer, ome! U zoent mamma
altijd en mijn nooit, mijn nooit.5
‘Ben je jaloers m5n goddelijk kind, m5n schat.5
O wat hield ik van haar, van dat goudkopje, van dat móóie blonde kind, van haar kind, van die helle, limpide, grote ogen.
En hoe zijn ze me gróót, hel-smartelijk bijgebleven.
Scherp lag gekleed te bed, stil - lusteloos. Ook een zieke.
‘Scheelt er wat an ?5
‘Ben jij het ? Ik ben blij dat je komt, ik ben zo belabberd.5 ‘Overwerk je je niet ?5
‘Nee. Ach nee... Ik ben belabberd... Trees maakt me ziek... Trees... O, wat maakt die me kapot.5 Ik zweeg... zelf down, zwak van wil.
‘Ze is weggelope van Druif, weg met een vent van Carré - weg met een jockey - wég - wég.5
De stilte bleef meespreken in het kamertje.
362