zelf wel... Je hoeft het me niet te zegge... An mij zie jij jódw voorland.5 ‘O?... Liever niet.5
‘Je went an ze... Denk je dat het liefde is?... Liefde?... An me laars!... As je mot heb gehad, kruip je weer naar elkaar, voel je iets leegs... wil je ze weer hébbe... ben je blij dat het weer in orde is... Eens hébbe we twee dagen mot gehad - wou ik het uitmake, ben naar de hoere gelope - maar dat was zo luizig beroerd, dat het me weer voor een halfjaar opfriste... Ik voel me niet op me gemak thuis, of ik mot me oud huisjassie an hebbe en een avond, een hele nacht zonder Guus... dat is... dat is... Ze wéét het wel. Tegenwoordig heeft ze een nieuwe treitermethode... een methode die me opvreet, die me nóg meer kapot maakt, nóg méér naar de kelder helpt, die het laatste beetje fut uit me donder haalt.5 ‘Zeg maar alles.5
‘Was jij erbij - die avond bij de Mijtelaar toen ze anDuif vertelde dat ze een nacht thuis geslape had, omdat ze zich voor d5r broertjes en zusjes geneerde, die telkens an d5r moeder vroege waar Guus toch altijd zat -was jij erbij ? Ja, niet. En dat ik die nacht tot vier uur 5s morgens voor d5r deur op-en-neer gelope had, om d5r af te wachte ? Duif gaf d5r gelijk, weet je wel ? Dat grappie haalt ze nou telkens uit. Als we ruzie hebben blijft ze thuis slape. Stópe. Dat zegt ze. Sldpe! Ik geloof er geen bliksem van. Ik sta nachte van twalef tot vijfineen portiek an de overkant, beloer het huis en de straat. Niks. De andere dag komt ze naar me toe, zegt dat ze om elf uur naar bed is gegaan met kramp, altijd met kramp. Ik geloof d5r niet maar ze beweert bij mijn en haar gezondheid en zoent me en pakt me. Verlejen week ben ik al om negen uur 5s avonds over d5r deur gaan staan - om négen uur - en in die vervloekte kou heb ik gewacht tot half vijf... Ik heb 5r niet uit zien gaan, niet thuis zien komme... Anbelle durf ik niet. D5r moeder is op me gebete. Die geeft mij van alles de schuld en d5r zusjes, die 5s avonds nog opzijn, kenne me. Van negen tot half vijf in de kou en met je gedachte alleen en denke an het gedonder met de aardappele, an je geld dat vastzit... en je de onmogelijkste dinge verbeelde - dat ze met een ander... Vannacht heb ik wéér een nachie gehad!... Bij de bitter kregen we gister stront - raai is over wat...5 ‘Nou?5
‘Zij beweerde dat als honde maar klein genoeg zijn, je ze op je schoot mag houe in de trein... Da5s pure onzin, niewaar ? Heb je daar ooit van gehoord?5
‘Nee, dat mag niet.5
‘Niewaar ? Zij woedend dat ik er niks van wist, dat ze laatst van Amsterdam naar Leiden - de leugen zit er zo dik bovenop, niewaar? - was ge
176