Kamertjeszonde

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1970

Pagina's
392



‘Wat is zo’n glas heet - hé!...5 neemt een verfrommeld, kapot, zwart doekje uit haar zak - zakdoek uit lang geleden dagen - draait het voorzichtig om het glas, licht het eruit en scharrelt aan het kousje met een haarspeld. - ‘Jeetje!5 De haarspeld, rood geworden, valt uit haar hand, maar wijs en zoetjes-lachend stopt ze twee vingers in haar mond, pakt met de natte toppen de haarspeld nóg eens aan, morrelt opnieuw in de vonkjes-spattende kous. Dan begint ze op de voeten te dribbelen, alsof ze hoge nood heeft. In de linkerhand smeult het zakdoekje uit lang geleden dagen, uit de rechter laat ze de hete haarspeld weer vallen. - ‘Jeetje! Jemineetje!... Wat is dat heet!5 Angstig-haastig zet ze het glas op het tafelkleed, dat lichtbruin kringt, wrijft met een zenuwachtig gekriebel de gebrande vingertoppen... ‘Wa5s dat heet!5 - ‘Moe, het tafelkleed brandt,5 zegt Paulientje die met volle neusgaatjes mee in de lamp heeft staan kijken. - ‘Hè-jede vorrek?5-‘Ja, juffrouw, ik heb ’m gevonden onder de kast.5 - Het glas staat weer in de lamp. Juffrouw Bok doet de zakdoek uit lang geleden dagen in haar zak, steekt de haarspeld in de blonde haarknot, zendt Paulientje om de messen. Annetje, brutaal, alles bekijkend draaft de trap op met de azijn. ‘Wil je nou nog effen bier gaan halen, Annetje?5 Annetje kijkt naar de peren, vraagt: ‘Piels of Lager?5 - ‘Lager,5 zegt Georgine. Rom-rom-rom, zij de trap af. - ‘Wat een handig kind, hè? Je ken d’r alles laten doen, nie-waar juffrouw?... Hebbie daar de messen, knappe meid?... Mot je ze nou zo dragen ?... Da5s goed om je te snijen!... Kom es hier dat ik je neus es veeg... Foei, wat een vieze meid...5 De verschroeide, proppige zakdoek uit lang geleden dagen, plet ze om het groene neusje. Het kind knijpt de oogjes dicht, rukt het hoofdje weg. ‘Kom nou... Je kan toch niet zo met een snotneus blijve lopen...5 Weer plet het bruine lapje het roodgeknepen neusje. ‘Au!... Au!5 - ‘Goed zo, knappe meid.5 - Babbelend, klefjes pratend, alles met stille, kwijnende glimlachjes op het grutjes gezicht, soms sufjes kijkend in de lamp, wrijft ze de messen aan het voorschoot, zendt Paulientje weg om een schoon servet voor meneer en Annetje voor twee zachte broodjes, loopt naar de keuken om een servet te halen die het kind niet vinden kan, blijft drentelen, slof dribbelen tot Annnetje met de twee broodjes in de handen komt en gaat dunnetjes-lacherig, met veel lichtschuwheid, veel weke aarzeling in haar bewegingen naar de achterkamer.

‘Wat zat jij d5r an te kijken!5 lacht Georgine. ‘Wat een typische slobber, hè!5

‘Zeker een gevaarlijk vrouwtje?5 vraag ik.

‘Wel nee. Ze is vuil. Maar je kunt over d’r lopen.5

‘Ja. Ik ken dat soort. Pas op dat je geen ruzie met 5r krijgt. Da’s jé habaai

135

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.