Biecht eener schuldige

Titel
Biecht eener schuldige

Jaar
1905

Druk
1922

Overig
2ed

Pagina's
222



Z o n d a g.

Welk ’n angstige veertien dagen!

Hoe door en door vuil is ’t leven.

Drie avonden na ’t tafelgesprek — was de verschrikking *r.

Alleen thuis — alleen, ’k klaag ’r niet over — schelde ’k Cor, die 'k zoo weinig mogelijk trappen liet loopen, om wat bij me te komen zitten.

Drie, viermaal, moest ’k ’t herhalen. Geen antwoord, ’n Paar maal riep ’k in ’t trappenhuis — geen antwoord. Ongerust liep ’k naar de keuken, waar ’t licht volop brandde. Ze was ’r niet.

Toen, met ’n onuitsprekelijke beklemming, ging ’k naar ’r kamertje.

Daar, den mond in ’t kussen, om 'r kermend gebrul te temperen, lei ze te bed — ’n inbrandende kaars op de nachttafel.

„Wat is ’r? —• wat scheelt je?”, vroeg ik.

De vuisten in smartelijke kramping ballend, klappertandend, ’t zweet in gutsende striemen langs ’r gemar-telden mond, kwam ’t ’r in pijn-scheuren uit.

Ze was naar die vrouw geweest, ’t dier dat meisjes hielp.

Ze had, om zeker te zijn, ’t heele doosje geslikt, voelde zich alsof ze stierf.

Of 'k niks an ’r moeder wou zeggen — van wat

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.