173
Zou, waar alles om je heen, alles zonder één uitzondering, met de jaren gaver wordt, dieper-van-zin, breeder, nobeler — alles geleidelijk ’n toppunt bereikt — zou daar de machtigste aandoening, de onstuimigste, liefste bewogenheid van ’n mensch, zich in önrijpen leeftijd als voldragen vrucht openbaren?
Ironie.