’t Is om te snikken van ’t lachen, te schreeuwen van razende potsierlijkheid, te hijgen van bevenden jammer, dat ik — ik — m’n man toe-behoor.
In de eerste, ónbewuste huwelijksjaren s c h ij n ’k ’m toe-behoord te hebben.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.