Biecht eener schuldige

Titel
Biecht eener schuldige

Jaar
1905

Druk
1922

Overig
2ed

Pagina's
222



163

„Zeg je niéts?”, vroeg ’k nog ’ns.

Hij hield z’n mond, schijnbaar eindeloos.

„Zooals je wil,” zei ’k: „je weet hoe ik ’r over denk — goeien nacht.”

Eerst nu, bruut van manne-zekerheid, met ’n halven geeuw die voor onverschilligheid moest doorgaan, zei-ie kort:

„Me compliment, ’t Is prachtig geweest. Je mag ’t morgen nog ’ns overdoen. Voor zülke zotteklap heb ik geen kop. Je moet ’s avonds wat minder in de „Derniers jours d’un condamné” lezen — en Jansen laten komen. Bonsoir. Ik ben ’n idioot en jij ’n toetje. Als je ’n wissel was, zou ’k je endosseeren — zonder protest, an je vrind Joosten. Bonsoir."

„Is dat al je ernst?”, vroeg ’k achteroverleunend — nu ’k ’t ’r uitgeflapt had, krampte ’r zulk ’n ontspanning in m’n hersens, dat ’t tot in m’n achterhoofd klopte — ’k moeite had de lippen te bewegen.

„Goddank ja,” geeuwde-ie: „bonsoir — huishoudster.”

Den heelen nacht bleef ’k met m’n uitgeputheid worstelend, wakker.

Toen-ie opstond, trok ’k de dekens over me heen, om ’m niet te zien, niet gezien te worden.

Eerst tegen etenstijd kleedde ’k me lusteloos, kwam met zware wallen onder de oogen aan tafel, voorbereid op een dier gezellige diners, zonder ’n woord.

Hij, opgewekt door z’n bitter en door te vermoeden dingen, keek me ongerust aan.

„Ben je pas opgestaan?”

„Ja,” antwoordde ’k stug.

„Je ziet ’r belabberd uit.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.