Biecht eener schuldige

Titel
Biecht eener schuldige

Jaar
1905

Druk
1922

Overig
2ed

Pagina's
222



Vrijdag.

De kerkdeur van het „Heilige Hart” stond aan — ’n stroom schoof ’t portaal in.

Je zal zoo krankzinnig niet zijn, zei ’k. Ik in ’n kerk, ik.

Wanneer was ’t de laatste maal? Eeuwen geleden, toen ’k ’n blaag, ’n ding met korte rokken, onrijpe hersens was.

Heeft ’n zinkende aan water houvast?...

’n Twijfelaar-aan-god, erger!, kan-ie baat in zoo’n huis vinden?

Gelooven ’n troost. Je hoeft ’r niet aan te tornen.

De een drinkt, de ander dobbelt, ’n derde bidt.

De bidders hebben de meerderheid — weinigen glimlachen.

’k Kan me niet herinneren gebeden te hebben.

Hij — kon ’r nijdig om worden, als ’k lospakte — ’t wolken-mensch ’n fossiel noemde.

Licht dat iémand den moed heeft met 'n sneer te sterven, zei ’k.

Licht dat iémand met hartelijke minachting voor de soorten clownerie, die je in ’t openbaar niet beleedigen mag, uit-stapt, zei ’k.

Licht dat-ie ééns op ’n mènschelijk mensch stuit, zei ’k.

En wanneer-ie — m’n man — dan boos werd, zooals méérderen met ’m, die geen vroolijkheid bij

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.