Biecht eener schuldige

Titel
Biecht eener schuldige

Jaar
1905

Druk
1922

Overig
2ed

Pagina's
222



Woensdag.

An tafel leest-ie z’n krant. Pas getrouwd — wat doet de klank tróuw, opgelegd, gedwongen, als ’n ding dat ’r bij behoort, je zonderling aan! — getrouwd, werd ’k zenuwachtig, wanneer-ie bij ’t middageten iets inkeek.

Nu doet-ie ’r me ’n genoegen mee. ’k Leg ’r zelf bij z’n bord. Zonder meid in huis zou ’k niet aan tafel komen, ’t Gekwel, de ophitsing — als twee vijanden over mekaar te zitten, zwijgend, elk met gedachten.

Zoolang je van ’n man houdt, zie je lieve, onuitsprekelijke bewogenheden in z’n pupillen. Zoolang, ’n Stervende bloem laat ’r blaren vallen — ’n doode genegenheid schroeit allen glans.

Vannacht, eindeloos wakker gelegen, zonder gedachte aan iets, iemand, ’t Was in de kamer zoo donker, zoo zonder ’n zweving bij de gordijnen, zoo verrukkelijk, dat ’k me als ’n onbegrensdheid voelde. Hij ademde, ik ademde. Slapen dee-ie bij uitzondering niet. Als iemand slaapt overgegeven slaapt, bérékent-ie geen ademslag, ligt-ie in hoorbare regelmaat. Je kan je ’r nooit in bedriegen. Niet in ’t volkomenste duister, niet in de bedriegelijkste stilte, niet bij den schijn van ’t adem-gerucht. Je weet, benadert, tast ’t. M’n lust om te woelen bedwingend, in één zelfde ongemakkelijke hou-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.