Biecht eener schuldige

Titel
Biecht eener schuldige

Jaar
1905

Druk
1922

Overig
2ed

Pagina's
222



Zondag.

Van uit de verte, met slaaprig-dommlende slaagjes, opgeslurpt door ’t ijlblauw der lucht en met aarzling bestervend in ’t zware, beweeglooze loof, hoor ’k ’t klokkengelui in de stad.

Angst, angst, — ’t is of de ontroering der kinderjaren in teeren weemoed herleeft.

’k Ben veertien dagen ongesteld geweest.

Eduard heeft Jansen, die Lies ook behandelde, laten komen.

Koorts, weer koorts. Braaf, accuraat heeft-ie me onderzocht, beklopt.

,,’n Gestel om honderd jaar mee te worden,” zei-ie lachend. Als ’k me onlekker voelde, moest ’k blijven liggen — in elk geval ’n paar dagen thuis, ’k Bèn in bed gebleven, te moe, te loom om me met iets te bemoeien.

Tweemaal heb ’k geprobeerd me ’r tegen te verzetten — zonder resultaat. En als Jansen met ’n wijs gezicht de temperatuur opnam, om te constateeren dat de koorts aanhield, luisterde ’k geduldig naar z’n geruststelling.

Eduard, die de eerste dagen waarlijk bezorgd was, al kon je op z’n gezicht lezen, dat-ie de verstoring der huislijke regelmaat niet bijzonder prettig vond, werd na de herhaalde verzekeringen van den dokter, dat-ie bij geen mogelijkheid iets ernstigs kon waarnemen, ongeduldig, kort-aangebonden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.